

De vaders vertelden over een bekende
bekende oude man die als
hij wandelde in de
woestijn hij twee engelen zag die
met hem wandelden, één aan
de rechter en één aan delinkerzijde. Terwijl zij verder gingen
kwamen ze een lijk tegen
een lijk dat op de weg lag.
De oude man hield zijn neus
neus in vanwege de stank, en de engelen deden
hetzelfde. Na een poosje
zei de oude man,
“Dus jullie hebben hem ook geroken?”“Helemaal niet,” antwoordden de
engelen. “Het was omwille van
jou dat we onze
neuzen vasthielden. Wij kunnen de geuren van de wereld niet ruiken.
geuren van de wereld hebben geen invloed op ons. Wat we
wel ruiken is de geur in
de zielen van zondaars.”
De Woestijnvaders
