
“Over Liefde” – Monastieke Wijsheid (Deel 6 van 15)
Want we hebben ook in deze brief geschreven dat zolang we dit aardse kledingstuk dragen, niemand zou moeten geloven dat er een geavanceerde geestelijke staat is die vrij is van gevaar, behalve in de aanwezigheid van goddelijk genade. Dan voelt men elke goddelijke gave goed en begrijpt ze feilloos. Maar wanneer hij de gewaarwording van goddelijke liefde bereikt, die God Zelf is, volgens hem die zei: “God is liefde; en hij die in liefde woont, woont in God, en God in hem,”-hoe kan een tong, die sterfelijk is en geen goddelijke handeling heeft, volstaan om over God en Zijn heilige gaven te spreken?
Joseph de Hysychast
