
H. Augustinus (354-430)
bisschop van Hippo (Noord Afrika) en kerkleraar
Toegekende sermon, Appendice nr 19 ; Pl 39, 2100

“Beveel mij, over het water naar U te komen”
Toen Petrus vol moed op de zee liep, wankelden zijn passen, maar zijn affectie werd sterker (…) ; zijn voeten zonken, maar hij hield zich vast aan de hand van Christus. Het geloof ondersteunt hem terwijl hij de golven voelt openen; bezorgd om de storm, bevestigt hij zijn liefde voor de Verlosser. Petrus loopt op de zee, eerder gedragen door zijn affectie dan door zijn voeten. (…)
Hij ziet niet waar hij zijn voeten neerzet; hij ziet slechts het spoor van de stappen van Degene van wie hij houdt. Vanuit de boot, waar hij veilig was, zag hij zijn Meester en gegidst door zijn liefde, daalde hij af in de zee. Hij ziet de zee niet meer, hij ziet alleen Jezus.
Maar vanaf het moment dat de vrees, zijn geloof begon te versluieren, omdat hij bezorgd werd over de kracht van de wind en afgeleid werd door de storm, wijkt het water onder zijn voeten. (…) Het geloof verzwakt, en het water verzwakt met haar. Dan roept hij: “Heer, red mij!” Meteen steekt Jezus zijn hand uit, bevrijdt hem en zegt tegen hem: “Kleingelovige, waarom twijfelde je?” “Heb je zo weinig geloof dat je het niet tot aan Mij hebt kunnen volhouden? Waarom heb je niet genoeg vertrouwen om tot het eind door te gaan door op haar te steunen? Weet voortaan dat alleen het geloof je zal ondersteunen op de golven.” Zo, mijn broeders en zusters, twijfelde Petrus voor een ogenblik, en gaat hij ten onder, maar hij redt zich door de Heer aan te roepen. (…) Welnu, deze wereld is een zee, waarin de duivel de golven opzweept en waar de verleidingen de schipbreuken vermeerderen; wij kunnen ons slechts redden door te roepen naar de Verlosser, die de hand uit zal steken om ons vast te pakken. Laten we Hem zonder ophouden aanroepen.
Bron : Evzo.org
