ABBA POEMEN
Woestijnvader

Vader Poemen was een van de grote stemmen van die vreemde woestijn in de boven Thebaid. Hij was een van de stemmen van grote nederigheid en toch door diezelfde nederigheid: groot gezag. Hij stond bekend om zijn vermogen anderen te leiden en te begeleiden in het kloosterleven, om zijn onderscheidingsvermogen, om zijn vermogen door te dringen tot het hart van de vragen die zijn broeders kwelden, door antwoorden te geven die vaak niet de gemakkelijke antwoorden waren of de eenvoudige antwoorden op zorgen die zij vaak verwachtten, maar antwoorden die het christelijke evangelie in grimmige eenvoud uitdroegen. De heilige Poemen wordt ook vandaag nog herinnerd als de grote herder en leraar, de eigenlijke betekenis van zijn naam. Laat mij u een voorbeeld geven van het soort wijsheid dat deze grote woestijnheilige uitstraalde. Gezegde 174 van zijn verzamelde spreuken luidt als volgt:
Een broeder vroeg aan Abba Poemen, sommige broeders wonen bij mij. Wil je dat ik de leiding over hen heb? De oude man zei tot hem, neen, werk eerst en vooral, en als zij willen leven zoals jij, dan zullen zij er zelf voor zorgen. De broeder zeide tot hem: Maar zij zijn het zelf, vader, die willen dat ik de leiding over hen heb. De oude man zei tegen hem, nee, wees hun voorbeeld, niet hun wetgever.











plaatsen te bezoeken. Zo kwam hij ook in de kerk die in Gethsemane was gebouwd. In de narthex bevond zich een uitbeelding van de hel. Dositheos was door dat merkwaardige schouwspel zeer getroffen en hij keek er vol aandacht naar. Plotseling stond er naast hem een statige vrouw, in purper gekleed, die hem uitleg gaf over het lot der verdoemden. Dositheos werd angstig en vroeg hoe hij aan zulk een lot kon ontkomen. De vrouw zeide hem: ‘Vast, eet geen vlees, en bid onophoudelijk’, waarna zij verdwenen was.










