Mère Gabrielle : Apopthegmen

border 02134

Apophtegmen (Overwegingen) van Mère  Gabriëlle

p_1_9_3_193-thickbox_default-Lascese-de-lamour-Mere-Gabrielle

1.Elke plaats kan een plaats van Verrijzenis worden. Het volstaat dat je in nederigheid leeft zoals Christus

2. Slaapt. Het volstaat dat je waakzaam bent.

3. Er zijn mensen die waken op enigen en er zijn anderen die waken op allen.

4. De Geest van de Orthodoxie….Is niet een weten dat je leert, maar een weten dat je beleeft.

5. Vraag niet vele dingen, datgene wat u ter beschikking staat en nog veel meer. Daarentegen, stel je tevreden met het weinige dat je hebt en probeer het te heiligen

6. Er is slechts één Cultuur : Leren om God te beminnen.

7. Niets is minder duur dan geld.

8. Het is beter hier op aarde in de hel te zijn dan daarboven.

9. Het is niet wat wij zeggen, maar hoe wij leven. Het is niet wat men doet, maar wat men is.

10. Ik heb mij omkleed met het Rasson, en ik spreek alleen als men mij vragen stelt. Het Rasson spreekt.

11. Als je liefhebt is de wereld mooi.

12. Iemand heeft gezegd dat hij een Christen is die de liefde zuivert en het werk heiligt.

13. Ons doel is de Parakleet in ons hart te hebben, zelfs als wij…een parasiet in ons hoofd hebben.

14. Onze hemelse bezinning gebeurt met heilige woorden : dat Uw Wil geschiede op Aarde als in de Hemel.

15. Wie ademt voelt het niet. Wie liefheeft ook niet.

16. Wanneer de poorten van de Hemel open zijn, dan zijn die van de aarde het eveneens.

17. Wanneer de gedachte zich afkeert van de dingen der wereld en men verenigd is met God, dan wordt zelfs onze goedendag een zegening voor de ander.

18. Het “neen” dat we uitspreken vernietigt elke energie in ons.

19. Wij moeten niet ‘existeren’ in tegenwoordigheid van het beeld en de gelijkenis met de Andere.

20. Bij het begin van ons bestaan hebben wij nood aan een teder en vriendschappelijk iemand. Naar mate wij vooruitgaan zal God, Hij alleen, ons doen overvloeien met Zijn Liefde en Vreugde, zodanig dat wij geen nood meer hebben aan andere personen. Zo handelt ook onze ziel, bij het begin weet zij nog niet wie zij bemint. Zij gelooft dat het deze bepaalde persoon is…

21. Heel dikwijls is God tevreden met onze goede wil. Het volstaat Hem dat wij bereid zijn Zijn geboden onderhouden.

22. Jezus Christus heeft ons het voorbeeld gegeven : alleen en met de anderen.

23. Wanneer God ons schiep, blies hij ons Zijn Leven en Zijn Geest in.
En deze Geest is de Liefde, hij ademde ons Zijn Leven en Zijn Geest in.

24. Een Christen moet het Mysterie van het Bestaan en Iedereen en Elk ding respecteren.

25. Om uw ‘niet-existentie’ te beëindigen, heb lief, heb lief, heb lief en ook : identificeer je perfect met de ander, gelijk welk andere, op zo een manier dat je je op het einde van de dag afvraagt : Wil ik iets ? Neen. Verlang ik naar iets ? Neen. Ontbreekt het mij aan iets ? Neen…Dat is het !

26. De spirituele mens is hij die geen hoogmoed meer heeft en die werkelijk begrepen heeft, in het diepste van zichzelf, dat alles wat hem overkomt : de Wil van God is, of met Zijn toestemming.

27. De ware spirituele evolutie begint op het moment waarop men alle lezingen stopzet, buiten het Evangelie. Het is pas dan dat men, verenigd met God in het gebed, Zijn Wil kunnen begrijpen.

28. Verlang niets anders dan Zijn Wil en aanvaard met liefde alle onheil die u overkomt.

29. Verwar nooit de persoon met het kwaad dat hij heeft gedaan. Vergeet niet dat Christus ook in zijn hart is.

30. Zeg nooit : «Waarom moet ik dit lijden ondergaan ?» Of nog, wanneer je iemand ziet die kanker heeft, koudvuur, of een blinde is.. vraag nooit waarom hij dit ondergaat…Maar bid God u het zicht te bieden op de andere oever… Op dat moment, zoals de Engelen, zul je de realiteit van de dingen hier beneden opmerken. Alles is in het PLAN van God. ALLES.

31. Een wijze heeft gezegd : «Indien het alleen maar is om voor zichzelf te leven , ware het beter om niet geboren te zijn».

32. De Achillispees zit verborgen in het geklets en de gesprekken van de mensen.

33. Nederig zijn wil zeggen nooit te willen klagen.

34. Als je de gewoonte hebt om kritiek te leveren, bid God dan u ervan te bevrijden opdat jij deze persoon zou kunnen beminnen, zoals hij u bemint. God zal je helpen om uw fouten in te zien. Indien Christus zichtbaar was, zou hij eenzelfde oordeel geveld hebben ?

35. Indien iemand je niet bevalt, denk dan dat je in zijn gelaat Christus ziet. Op dat moment zal je je niet meer negatief durven uitdrukken, of zelfs maar denken aan de minste kritiek.

36. Wij moeten liefhebben en de anderen aanvaarden zoals God ze tot ons heeft gezonden. Het is zo dat de Heer zelf en de Orthodoxe Traditie het hebben gedefinieerd.

37. Men moet van niemand de dienaar worden. Wij zijn het slechts van God. De Apostel zegt : «God heeft de prijs van de aankoop betaald». Slaafsheid moet niet bestaan.

38. De woorden die wij met mekaar wisselen blijven in de eeuwigheid.

39. Het is slechts wanneer je je zal perfectioneren in de Agapè (Liefde) dat je de Apatheia (onverstoorbaarheid) zal bereiken.

40.De zwakheden zullen zich slechts voordoen bij hen die handelen zonder waarachtige liefde.

41. De gedachte..is natuurlijk. Het oordeel en de kritiek zijn het niet. Het Onderscheidingsvermogen is een Gave van God en wij moeten bidden om het te verkrijgen, want het is onmisbaar voor onze volmaaktheid en onze vooruitgang.

42. De besluiteloze neemt geen deel aan het leven.

43. Als het nodig is, zal de Heer altijd iemand naar ons toezenden. Wij zijn allen reisgezellen.

44. De taal van God is de stilte.

45. Hij die leeft in het verleden, leeft als een dode. Hij die met zijn verbeelding leeft in de toekomst, is naïef , want de toekomst behoort slechts aan God toe. De vreugde van Christus bestaat slechts in het Heden. In het eeuwige Nu van God.

46. Ons doel is God te aanbidden en de naaste te beminnen.

47. Het geluk en de sereniteit vind men in de vervulling van Gods geboden.

48. De meest essentiële Liefde bestaat erin goed te spreken over de anderen.

49. Zelfs al wil ik het, ik kan mijzelf geen pijn doen of verdriet. Het is alsof men zegt aan God «Ik ben niet akkoord met U en met Uw manier van handelen». Het is bovendien niets anders dan ondankbaarheid.

50. Spreken in onnodig voor de schoonheid. Het vertroebelt elke harmonie.

51. Door de Naam van Christus te aanroepen martelen wij ons «ego».

52. (Sprekend over de olielampen) Het is deze van ons hart die altijd moet branden. Zij moet nooit uitgaan.

53. De vreugde die je geeft aan anderen wordt jijzelf het eerst gewaar.

54. Het is beter te bidden met een lage stem dan in het geheel niet te bidden.

55. Moge God zich tussen u en uw doel plaatsen en niet uw doel tussen u en Hem.
56. De doodstrijd is de inspanning welke de ziel levert om zich te bevrijden en naar de Heer te lopen.

57. De briefwisseling is de beste manier om alleen te zijn en terzelfdertijd met anderen te communiceren.

58. Het Mirakel is de normale gang van zaken zoals God ze verlangt. Wat wij Mirakel noemen is voor God natuurlijk.

59. Indien iets niet gaat zoals wij het wensen, zoeken wij dan de schuldige niet, want alleen wij zijn het ! Gedurende ons gebed kunnen wij de reden van het waarom ontdekken, indien we het Hem vragen. Ofwel hebben wij niet genoeg bemind, zoveel als het moest, of hebben wij een ander gebod geschonden, of wel hebben wij een foute stap gezet. Wellicht hebben wij gepoogd de andere voor te zijn, of gerekend op hen waarvan we het beter niet hadden gedaan.

60. In dien wij iets verliezen, dan moeten wij zeggen : «Verlos mij ook Heer van elke slechte gedachte ten overstaan van mijn naaste».

61. Zorg is iets voor hen die geen geloof hebben.

62. De liefde bevindt zich uitsluitend op het Kruis.

63. Relaties worden moeilijk wanneer het Mij het U domineert.

64. De Heer bemind u zoals Hij uw vijanden liefheeft.

65. Wil je bidden ? Bereid u dan voor om heimelijk de Heer te ontmoeten.

66. Sommigen worden instrumenten van de Krachten van het kwaad met de Toestemming van God, voor onze eigen beproeving en vooruitgang.

67. Laat u niet in de war sturen, want elke verwarring brengt zijn hulp verder af.

68. Indien iemand er toe komt in de wereld te leven zoals water en olie die zich niet vermengen in de lamp. Welnu vanaf dat moment leeft hij in God. Hij is «in de wereld, maar niet van deze wereld»

69. Wij ontvangen allemaal. Hetzij het Licht hetzij duisternis.

70. Open je mond niet wanneer je een crisis meemaakt of geconfronteerd wordt met een probleem. Maar spreek erover met de engelen en bid hen om ze voor de voeten van de Heer te leggen. Vraag Hem een Engel van vrede om u gerust te stellen.

71. Wil je bidden? Bereid je voor om de Heer in het geheim te ontmoeten.

72. Sommige worden de instrumenten van de Zwarte Kunsten door de Toestemming van God, voor onze eigen beproeving en vooruitgang.

73. Wees niet verontrust, want alle moeite houdt Zijn Hulp weg.

74. Als iemand met de wereld kan leven zoals water en olie die je niet in de lamp kan mengen, dan leeft hij op dat moment in God. Hij is “in deze wereld, maar niet van deze wereld”.

75. We zijn allemaal ontvangers. Ofwel licht of duisternis.

76. Doe uw mond niet open als u door een crisis gaat of voor een probleem staat. Maar vertel de engelen erover en bid hen om hen aan de voeten van de Heer te leggen. Vraag Hem om een ​​engel des vredes om u te sussen.

77. Sommige mensen vragen ons “advies” om zich erachter te verschuilen. Dus als er iets misgaat, zeggen ze “het is jouw schuld”. Aan de andere kant is het zeer waarschijnlijk dat ze ze niet zullen toepassen. Het zal dus tijdverspilling zijn.

78. Wanneer het ik breekt om U te worden en wanneer de U op zijn beurt breekt en de U en het ik HEM ​​worden, dan worden we allemaal ZIJN.

79. Als je ooit bang bent, sluit dan je oren en reciteer het Jezusgebed.

80. Pas als we “rondgaan”, kunnen de engelen alles voor ons doen.

81. Doe het juiste en God zal doen wat Hij moet doen.

82 Als u een verlangen voelt, een verlangen, wanneer God het wil, zullen uw wensen worden vervuld.

83. Persoonlijk kunnen we geen enkele fout wegnemen. Het is God die ons er één voor één van zal bevrijden.

84. Laten we de Heer elke dag vragen om onze eigen wil te breken, om die tot de Zijne te maken, zodat we kunnen worden zoals Hij wil.

85. Laten we ons niet als soldaten aan Zijn Wil overgeven. Wij, zijn kinderen, moeten onze wil en ons hele wezen aan Hem aanbieden in al onze erbarmelijke toestanden. We moeten Hem zeggen “Ik bied U mijn fouten en mijn zwakheden aan. Ik smeek u, corrigeer ze”.

86. De genade van God raakt ons aan als we onze handen naar Hem uitstrekken. Het is geloof dat de genade van de Heer aantrekt. God staat klaar om het ons te verlenen, maar … waar zijn de handen? God laat Zijn genade “regenen”, wat ons betreft … we dragen een hoed, of we houden een paraplu vast.

87. Als een buitenlander Griekenland of de orthodoxie bekritiseert, veroordeel hem dan niet, maar vertel hem ook niet over de wonderen die hier plaatsvinden, de ontdekkingen van de heilige relikwieën, enz.

88. Je mag er niet over praten. de afwezigen.

89. We leven in ijdelheid en geloven dat we ergens leven. Arme van ons …

90. Oh Heer! Vergeef het ons als we ons soms trots gedragen, zoals die kleine hanen die trots zijn op hun toppen!

91. Arme wezens! We interpreteren het vergankelijke voor onsterfelijk en het eeuwige als niet-bestaand.

92. De arme uil ! Ook hij biedt aan wat hij kan …

93. Net als het Mysterie is het Sacrament van Morgen prachtig!

94. De mens trekt er maar één keer een les uit. Als hij het de eerste keer niet heeft ingenomen, betekent dit dat iets in zijn onderbewustzijn hem verhindert.

95. De Heer zei: “Als iemand een verlangen heeft en geloof heeft, zal hij het verkrijgen”. Het is voldoende dat dit verzoek in overeenstemming is met de geboden van God, dat wil zeggen met liefde.

96. Onthoud anderen niet van de kruimels van het Brood des Levens dat God u volledig aanbiedt. Allen hebben honger en dorst naar liefde. Net als Lazarus, die de kruimels at die van de tafel van de rijke vielen.

97. We hebben niet het recht om het licht van de Heer niet te weerkaatsen. Niets mag verborgen blijven …

98. Alle dingen hebben twee kanten, zoals het tweesnijdend mes. Wat vandaag creëert, vernietigt morgen. Begrijpt wie het kan.

99. In een boot kunnen sommige matrozen vechten en elkaar doden. De boot vervolgt zijn weg en komt op zijn bestemming aan. Hetzelfde geldt voor de Kerk, want aan haar roer staat Christus.

100. We moeten liefhebben om het Wonder te laten plaatsvinden. Gebed en Komboskini gebedskraal) hebben niet zo’n kracht.

101. Als je wist dat je hier niet bent, zou je er al zijn.

102. De ervaring heeft me geleerd dat niemand andere mensen kan helpen ondanks onze wil en onze liefde. Hulp komt van Hem op de afgesproken tijd.

105. We zijn alleen nuttig als we niet voor onszelf bestaan.

106. Beslis niet voor anderen. Laten we deze zorg overlaten aan de engelen die altijd de beste oplossing vinden108. Net als Simon de Cyreneër moeten we bereid zijn om onze naaste te helpen.

Mère Gabrielle
Les Apophtegmes
Par Soeur Gabrielle, L’ Ascèse de l’ Amour, Editions http://www.toperivoli.gr
Vertaling : Kris Biesbroeck

Auteur: Krisbiesbroeck

Christiaan Biesbroeck Licentiaat Theologie/filosofie

Plaats een reactie