
God is geen facet van het zijn.
Het zijn is eerder een facet van hem.
Hij is niet vervat in het zijn,
maar het zijn is in hem besloten.
Hij bezit geen zijn,
maar het zijn bezit hem.
Hij is de eeuwigheid van het zijn,
de bron en de maat
van het zijn. Hij gaat vooraf aan essentie,
zijn en eeuwigheid. Hij is de creatieve bron, het midden en het
einde van alle dingen.
Pseudo-Dionysius the Areopagite
