H. Maximilianus de Belijdenaar (ca 580-662)
monnik en theoloog
Honderdtal overwegingen 1 over de liefde, nr 17, 18, 23-26, 61 (Filokalia van de neptische Vaderenvert. Evangelizo.org)
De kunst van het liefhebben zoals God liefheeft

Gezegend de mens die iedere medemens evenveel lief kan hebben. Gezegend de mens die zich niet vastklampt aan wat vergankelijk en vluchtig is. (…)
Wie God liefheeft, heeft ook zijn naaste volledig lief. Zo’n mens kan niet vasthouden wat hij bezit, maar hij verdeelt het, zoals God dat doet, door aan ieder te geven wat hij nodig heeft. Wie geeft in navolging van God, negeert het verschil tussen de goddelozen en de goeden, de rechtvaardigen en de onrechtvaardigen (vgl. Mat 5,45), want allen lijden van binnen. Maar hij geeft aan iedereen in gelijke mate, naar hun behoeften, ook al verkiest hij naar zijn eigen goede wil de deugdzame mens boven
de verdorvene. Zoals God, die van nature goed en onverstoorbaar is, alle wezens als zijn schepping beschouwt en evenzeer liefheeft, maar de deugdzame mens verheerlijkt omdat diegene met Hem verenigd is in wijsheid, en, in zijn goedheid, medelijden heeft met de verdorven mens en hem terugbrengt door hem in zijn levenstijd te onderrichten, zo houdt hij die uit eigen vrije wil goed en ongenaakbaar is evenveel van alle mensen. Hij houdt van de deugdzame mens om zijn natuur en zijn goede wil. En hij houdt van de verdorven mens om zijn menszijn en uit medeleven, want hij heeft medelijden met hem, als met een dwaas die gaat in het duister.
Niet alleen om te delen wat men aan ons heeft geopenbaard als de kunst van het liefhebben, maar nog meer om het Woord te verspreiden en de ander van binnen te dienen. (…) “Ik zeg u: Bemint uw vijanden en bidt voor wie u vervolgen” (Mt 5:44).
Evangelizo.org
