Gregorius de Grote -Homilie over de evangelieën

H. Gregorius de Grote (ca. 540-604)
paus en kerkleraar
Homilie over het Evangeliën, nr 16, 5 (vert. Evangelizo.org)

Gregorius de Grote258

Veertig dagen om te groeien in liefde voor God en de naaste

 

We beginnen vandaag met de heilige Veertigdagentijd, en wij moeten aandachtig onderzoeken waarom de onthouding gedurende veertig dagen wordt gehouden. Mozes, heeft veertig dagen gevast om de Wet voor de tweede maal te ontvangen (Ex 24,28). Elia heeft veertig dagen niet gegeten in de woestijn (1 Kon 19,8). De Schepper van de mensen Zelf, die onder de mensen kwam, nam geen enkel voedsel tot Zich gedurende veertig dagen (Mt 4,2). Laten wij dan ook moeite doen, voor zover dat het ons mogelijk is, om ons lichaam te beteugelen door de onthouding in deze jaarlijkse periode van veertig dagen…, om “een levende hostie” (Rm 12,1) te worden zoals Paulus zegt. De mens is een offer dat tegelijk levend en geofferd is (cf Ap 5,6) omdat we, zonder dit leven te verlaten, toch moeten sterven aan de verlangens van deze wereld.

De bevrediging van het vlees leidt ons naar de zonde (Gn 3,6); het gestorven vlees leidt ons naar vergeving. De maker van onze dood, Adam, heeft de voorschriften van het leven overschreden door de verboden vrucht van de boom te eten. Het is dus nodig dat wij, die van de vreugden van het Paradijs zijn afgescheurd door voedsel, moeite doen om deze terug te winnen door onthouding.
Maar dat niemand zich inbeeldt dat deze onthouding voldoende is. De Heer zegt door de mond van de profeet: “Is dit niet het vasten dat ik verkies: misdadige ketenen losmaken, de banden van het juk ontbinden, de verdrukten bevrijden, en ieder juk breken? Is het niet: je brood delen met de hongerige, onderdak bieden aan armen zonder huis, iemand kleden die naakt rondloopt, je bekommeren om je medemensen?” (Jes 58,6-7). Dàt is het vasten dat God wenst…: een vasten dat gedaan wordt uit liefde voor de naaste en doordrenkt is van goedheid. Verschaf dus aan anderen wat je jezelf ontzegt; zo zal de lichamelijke boetedoening het lichamelijk welzijn van je naaste die tekort heeft, verlichten.

Auteur: Krisbiesbroeck

Christiaan Biesbroeck Licentiaat Theologie/filosofie

Plaats een reactie