Ambrosius : De parabel van de wijngaard

H. Ambrosius (ca 340-397), bisschop van Milaan en kerkleraar

De parabel van de wijngaard

Overweging over het Evangelie van Lucas, 9, 29-30

 

 

Ambrosius van Milaan 1.jpg

De wijngaard is een beeld van ons, omdat het volk van God geworteld is op de wijnstok van de eeuwige wijngaard, die oprijst boven de aarde. Uitgezet op onvruchtbare grond komt ze spoedig in de knop en komt tot bloei, weldra bekleedt ze zich met groen, al snel lijkt ze op het liefdevolle juk van het kruis, wanneer ze gegroeid is en wanneer haar uitgestrekte armen de wijnranken vormen van een vruchtbare wijngaard… Men heeft dus gelijk als men de wijngaard het volk van Christus noemt, hetzij omdat op hun voorhoofden een teken van het kruis wordt gezet (Ez 9,4), hetzij omdat het zijn vruchten oogst in het laatste seizoen van het jaar, hetzij omdat, evenals de rijen wijnstokken in een wijngaard, arm en rijk, nederig en machtig, dienaren en meesters, allen volmaakt gelijk zijn in de Kerk…

Wanneer men een wijnstok vastzet, richt ze zich weer op; als men het snoeit, dan is het niet om het te verminderen, maar om het te laten groeien. Zo is het ook voor het heilig volk: als men het vastbindt, bevrijdt het zich; als men het vernedert, richt het zich weer op; als men het snoeit, geeft men het als het ware een kroon. Nog beter: evenals de loot, die van een oude boom wordt genomen en op een andere wortel wordt geënt, zo zal ook het heilig volk… dat wordt gevoed door de boom van het kruis.. zich ontwikkelen. En de Heilige Geest stort zich uit in ons lichaam alsof Hij verspreid wordt over de ploegvoren van de aarde, en wast op deze wijze alles dat onrein is en richt onze ledematen weer op om ze op de hemel te richten.

De Wijngaardenier heeft de gewoonte om deze wijngaard te wieden, het vast te binden, het te snoeien (Joh 15,2)… Nu eens brandt Hij met de zon op de geheimen van ons lichaam en dan weer besproeit Hij het met regen. Hij houdt ervan om zijn terrein te wieden, opdat de doornstruiken de knoppen niet beschadigen; Hij waakt ervoor dat de bladeren niet teveel schaduw maken…, en zo het licht niet van onze deugden wegnemen, en het rijpen van onze vruchten niet verhinderen.

Bron : http://www.dagelijksevangelie.org

 

 De triniteitsleer van de Cappadocische kerkvaders

De triniteitsleer van de Cappadocische kerkvaders

De fronten

De Cappadociërs situeren hun trinitarische godsconcepties tussen de godsconceptie van Arius / Eunomius en die van Sabellius. Hiermee zijn de fronten tevens gedefinieerd, namelijk het tritheïsme en het modalisme, d.w.z. (1) het bestaan van drie goden en (2) het bestaan van één God die afhankelijk van de situatie een ander masker opzet, namelijk dat van de Vader of van de Zoon of van de heilige Geest.

Lees verder ” De triniteitsleer van de Cappadocische kerkvaders”

Heilige Paraskeva

Heiligenleven

 

De Heilige Parascheva

 

 

Paraskeva_rond 1750 Ukraine.jpg

De heilige Parascheva

 

 

 

Elk jaar, op 14 oktober, herdenkt de orthodoxe kerk wereldwijd de Heilige Eerbiedwaardige Parascheva. Zij wordt, in het bijzonder, vereerd in de regio Moldavie uit Roemenie, waar haar relikwieen al meer dan 350 jaar worden bewaard te Iasi. Zij is een bron van zegen, spirituele en lichamelijke genezing voor ieder die Haar hulp vraagt tot de barmhartige Heer.

Heilige Eerbiedwaardige Parascheva heeft geleefd in de eerste helft van de elfde eeuw. De eerste roemeense schrift over haar leven vinden we in het Roemeense boek van geleerdheidvan de mitropoliet Varlaam uit Moldavie, te Iasi, 1643.

Zij is geboren te Epivata (vandaag Boiados), bij de Marmara zee, in de buurt van Constantinopol (later Istanbul), toendertijd hoofdstad van het byzantijnse rijk. Haar ouders, lieve en Godsvrezenden mensen, hebben haar geleerd te leven in Godsvrees en hebben haar in het bijzonder aangemoedigd om haar leven toe te wijden aan goede daden, vasten, gebeden en barmhartigheid.

Toen ze 10 was, heeft zij deze evangelie gehoord tijdens de Heilige Liturgie Hij die Mij wil volgen, laat alles achter, neem zijn kruis en volg Mij(Markus 8,34). De roeping tot de Heer was zo sterk in haar hart gekomen dat zij al haar kleren aan de armen heeft gegeven, tegen de wens van haar ouders. Alles wat ze heeft geerfd van haar ouders heeft zij gegeven aan de armen en is daarna weggetrokken van het dagelijks leven in het diepe wilderness. Zij is eerst gestopt in Constantinopol, bijgeleerd van monniken en nonnen en is toen naar de regio Pont gegaan. Zij is 5 jaar lang bij de klooster der Moeder Gods in Heracleea gebleven. Daarna is ze naar het Heilige Land vertrokken met de wens om de rest van haar leven te verblijven in de plekken waar onze Heer Jezus Christus en de Heilige Apostolen hebben geleefd. Ze is gebelven in een nonnen klooster in Jordaan, waar ze bad, vastte en groeide in haar geloof, net zoals Johannes de Doper en Heilgie Maria uit Egypte.

Lees verder “Heilige Paraskeva”

Daniël de styliet

Heiligenleven

 

Daniel de Styliet (409-493)

 

Daniël de styliet.jpg

Daniël de Styliet

 

Daniel werd geboren in 409 en trad al in het jaar 412 in een Syrisch klooster in toen hij nog maar twaalf jaar oud was. Hij bracht 25 jaar in dat klooster door. In die periode maakte hij voor het eerst kennis met Simeon, die toen als eerste een ascetisch leven op een pilaar leidde. Dit gebeurde tijdens een reis van een groep geestelijken, waaronder ook Daniel, die naar Antiochië moesten voor een kerkelijk overleg. De ontmoeting zou richtinggevend worden voor de rest van zijn leven.

Ascetische loopbaan

 In 446 werd Daniel tot abt van zijn klooster gekozen, maar hij deed dat ambt al heel snel over aan een ander en verliet zelf het klooster. Hij begon aan een vijf jaar durende tocht langs een reeks monniken en kluizenaars, waaronder opnieuw Simeon, bij wie hij twee weken verbleef. Hij probeerde op die manier te leren hoe men een echt ascetisch leven kon leiden, los van wereldse verlangens en ver van aardse genoegens.

Toen hij de leeftijd van 42 jaar had bereikt, ging hij op grond van een openbaring, zo vertelt ons zijn biograaf, naar de Constantinopel, de stad van de keizer. Hij sloot zich daar eerst negen jaar lang in een heidense tempel op, en stond daar alleen via een klein venster in contact met de buitenwereld. Hij deed dit bij wijze van oefening voor of voorbereiding op de ascetische inspanning die wilde gaan verrichten.

Hij was namelijk tot de overtuiging gekomen (op grond van goddelijke openbaringen, stelt de biograaf) dat hij de levenswijze van Simeon de Styliet moest navolgen. Hij liet vlakbij de hoofdstad een zuil plaatsen (eerst één, en daarna een zogenaamde dubbele zuil waarop hij iets meer ruimte had), en ging daarop leven. Hij zou er 33 jaar en drie maanden blijven, afgezien van een korte onderbreking aan het eind van zijn leven. Als men bedenkt hoe verzengend heet de zomers en hoe onbarmhartig koud de winters aan de Bosporus kunnen zijn, dan mag het een wonder heten dat Daniel, die elke dag 24 uur lang aan de elementen stond blootgesteld, toch nog 84 jaar oud is geworden. Ook hij had zich met ijzeren boeien laten vastketenen, en door het langdurige staan was na verloop van tijd het onderste deel van zijn voeten (of benen?) volkomen weggerot. Wel had hij, op aandringen van zijn volgelingen, een muurtje op zijn zuil staan dat hem tegen de ergste stormen en regenbuien enigszins beschermde.

Invloed

Daniel dankte zijn faam, afgezien van zijn bijzondere vorm van ascese, met name aan zijn effectieve voorbede, met name als het ging om genezingen van ziekte en bezetenheid. Het bijbelwoord ‘Het gebed van een rechtvaardige vermag veel’ (Jakobus 5: 16) zagen de inwoners van Constantinopel voor hun ogen in vervulling gaan. Het effect van zijn optreden moet overweldigend zijn geweest. Dagelijks verzamelden zich mensenmassa’s rond zijn zuil, op zoek naar genezing, exorcisme, voorbede, goede raad, en wat dies meer zij.

In 475 maakte Flavius Basiliscus (zwager van keizer Leo I, die in 474 werd opgevolgd door keizer Zeno) zich meester van de troon. Basiliscus was aanhanger van het miafysitisme, en tegenstander van de leer van het Concilie van Chalcedon, en de kerkelijke autoriteiten in Constantinopel maakten zich dan ook ernstige zorgen toen zijn heerschappij een feit was. Uiteindelijk wisten ze Daniel te bewegen zijn zuil te verlaten, en een soort rondgang door de stad te houden. De toeloop van belangstellenden was ongelofelijk: begrijpelijk, want normaliter was Daniel alleen boven op zijn zuil, dus slechts uit de verte en voor een gedeelte te zien, tenzij men de zuil wilde (en mocht) beklimmen. Daniel maande Basiliscus zich bij de Chalcedonische beslissingen neer te leggen, en maakte ook duidelijk dat hij weinig vertrouwen had in zijn regering. Basiliscus zou het volgende jaar inderdaad worden verslagen door Zeno, de keizer die hij had verjaagd.

Het bijzondere van Daniels lange verblijf op zijn zuilen in Constantinopel is dat hij niet alleen diepe indruk maakte op het vrome kerkvolk, maar ook op intellectuelen en magistraten, ja zelfs op diverse Byzantijnse keizers die hem in hun regeringsperiodes leerden kennen (met name Leo I, Zeno en Anastasius). Het is fascinerend (maar voor de moderne lezer ook enigszins onthutsend) te zien hoe deze oppermachtige keizers zo onder de indruk raakten van de extreme ascese van deze pilaarheilige, dat ze in talrijke politieke crises niets beter wisten te doen dan de wankele ladder die tegen Daniels pilaar aan stond te beklimmen en balancerend op de hoogste treden de heilige om advies of voorbede te vragen. Soms gingen de keizers zelfs zo ver dat ze zich voor de pilaar op de grond wierpen en hem om bijstand of vergeving smeekten. In menige crisissituatie heeft Daniel zo de politieke koers (inclusief die van de kerkpolitiek) van het Byzantijnse Rijk mede bepaald. Hij trad hierbij in het voetspoor van zijn leermeester Simeon, maar doordat hij zoveel dichter bij het centrum van de macht zat, was zijn invloed navenant veel groter.

Zijn immense prestige samen met zijn grote kerkelijke invloed maken Daniel volstrekt uniek onder de christelijke asceten van de oudheid.

Voortleven

Door een leerling is er een uiterst boeiende biografie van Daniel geschreven; we weten verder niets van de auteur, maar hij maakt duidelijk dat hij met name de laatste periode van Daniels leven persoonlijk als ooggetuige heeft meegemaakt. Deze levensbeschrijving is ook in het Nederlands beschikbaar.

Daniel wordt in de Rooms-Katholieke en Orthodoxe Kerken als heilige vereerd; zijn feestdag valt op 11 december.

Het volgende gebed, dat hij zou hebben uitgesproken alvorens zijn zuil te beklimmen, is van hem overgeleverd:

Ik geef U de eer, Jezus Christus mijn God, voor alle zegeningen waarmee U mij heeft bedacht, en voor de genade die U mij hebt verleend dat ik deze levenswijze tot de mijne mag maken. Maar Gij weet dat ik bij het bestijgen van deze zuil slechts op U alleen steun, en dat ik alleen van U een gunstige uitkomst van mijn voornemen verwacht. Aanvaard dan mijn voornemen en help mij deze wedloop te volbrengen en verleen mij de genade die in heiligheid te volbrengen.

(door Pieter W. van der Horst)

 

Augustinus : Wees niet bang, voortaan zul je mensen vangen

H. Augustinus (354-430), bisschop van Hippo (Noord Afrika) en kerkleraar
Sermon 43, 5-6 ; CCL 41, 510-511

 

augustinus van Hippo3.jpg

“Wees niet bang, voortaan zul je mensen vangen”

 

Wat is de goedheid van Christus groot! Petrus was visser, en nu verdient een spreker grote lof, als hij in staat is om zich als visser begrijpelijk uit te drukken. Daarom zegt de apostel Paulus tot de eerste christenen: “Denk aan uw eigen roeping, broeders en zusters. Naar menselijke maatstaf waren daar niet veel geleerden bij, niet veel machtigen, niet velen van hoge afkomst. Nee, wat voor de wereld dwaas is, heeft God uitgekozen om de wijzen te beschamen; wat voor de wereld zwak is, heeft God uitgekozen om het sterke te beschamen; wat voor de wereld van geringe afkomst is en onbeduidend, heeft God uitgekozen; wat niets betekent, koos Hij uit, om teniet te doen wat wel iets betekent” (1Kor1,26-28).

Want als Christus in de eerste plaats een spreker had gekozen, dan zou de spreker kunnen zeggen: “Ik ben gekozen om mijn welsprekendheid”. Als hij een senator was geweest, dan zou de senator kunnen zeggen: “Ik ben gekozen om mijn rang”. Als Hij een keizer had gekozen, dan zou de keizer kunnen zeggen: “Ik ben gekozen om mijn macht”. Dat die mensen zwijgen, dat ze even wachten, dat ze zich rustig houden. Ze zullen niet vergeten of verworpen worden, omdat ze zich kunnen verheerlijken om wat ze uit zichzelf zijn.

“Geef Mij deze visser, zegt Christus, geef Mij deze eenvoudige onopgeleide mens, geef Mij degene met wie de senator niet durft te spreken, zelfs niet wanneer hij vis van hem koopt. Ja, geef Mij die mens. Dan zal Ik hem vervullen, men zal duidelijk zien dat Ik alleen het ben die handel. Ik zal zeker ook mijn werk vervullen in de senator, de spreker en de keizer…, maar mijn handelen zal het meest duidelijk worden in de visser. De senator, de spreker en de keizer kunnen zich verheerlijken met wat zij zijn: de visser, alleen in Christus. Dat de visser hun de nederigheid komt onderrichten die door de redding wordt gegeven. Dat de visser als eerste doorgaat”

Bron : http://www.dagelijksevangelie.org

37e zondag na Pinkstsren : de cananese vrouw

37e zondag na Pinksteren 

De kananese vrouw

 

cananese vrouw.jpg

 

 

LEZINGEN :

 

1 Timoteüs, 4,9-15

 

[9] Dit* woord is betrouwbaar en verdient volledige instemming! [10] Dit* is het doel van al ons zwoegen en strijden, want wij hebben onze hoop gesteld op de levende God, die een redder is voor alle mensen, in het bijzonder voor de gelovigen. [11] Dit moet u hun bijbrengen en hierin moet u hen onderrichten. [12] Niemand* mag u verachten om uw jeugd, maar wees een voorbeeld voor de gelovigen door woord en gedrag, in liefde, in geloof en in zuiverheid. [13] In afwachting van mijn komst moet u zich wijden aan de voorlezing* van de Schrift, de vermaning* en het onderricht. [14] Verwaarloos* niet de genadegave* die in u is en die u krachtens een profetenwoord* werd geschonken, onder handoplegging* van de gezamenlijke oudsten. [15] Neem dit alles ter harte, ga er geheel in op, dan zullen uw vorderingen voor allen zichtbaar zijn.

Evangelie :

Matth.15,21-28

Jezus en een Kananese vrouw
Jezus ging daar weg en nam de wijk naar het gebied van Tyrus en Sidon. En kijk, een Kananese vrouw uit die streek kwam naar buiten en riep: ‘Heb medelijden met mij, Heer, Zoon van David. Mijn dochter is vreselijk bezeten.’ Maar Hij gaf haar niet eens antwoord. Zijn leerlingen kwamen naar Hem toe en vroegen Hem: ‘Stuur haar weg, want ze roept ons achterna.’ Hij antwoordde: ‘Ik ben alleen gestuurd naar de verloren schapen van het huis van Israël.’ Maar zij kwam naar Hem toe en knielde voor Hem neer en zei: ‘Heer, help me.’ Hij gaf haar ten antwoord: ‘Het is niet goed het brood van de kinderen te nemen en het aan de hondjes te geven.’ Maar zij zei: ‘Juist, Heer, want wat de hondjes eten, zijn de kruimels die van de tafel van hun baas vallen.’ Toen gaf Jezus haar ten antwoord: ‘Vrouw, groot is uw vertrouwen. Moge het u vergaan zoals u wenst.’ En haar dochter was vanaf dat moment genezen.

Cyrillus van Alexandrië : “Maar midden tussen hen door ging Hij zijns weegs”

H. Cyrillus van Alexandrië (380-444), bisschop en kerkleraar
Over de profeet Jesaja , 5, 5; PG 70, 1352

 

 

cyrillus van Alexandriê..213.jpg

 

“Maar midden tussen hen door ging Hij zijns weegs”

Christus wilde de hele wereld met Zich meenemen en alle aardbewoners naar God de Vader brengen… De mensen die uit het heidendom komen en die verrijkt zijn met het geloof in Christus, hebben bij de goddelijke schat van de verkondiging, die de redding brengt, veel baat gehad. Daardoor zijn ze deelnemers aan het Koninkrijk van God geworden en medegezellen van de heiligen, en erfgenamen van onuitsprekelijke werkelijkheden (Ef 2,19.3,6)… Christus belooft de genezing en vergeving van zonden aan hen die het hart gebroken hebben, en Hij geeft blinden weer zicht. Waarom zouden zij, die de ware God nog niet herkennen, niet blind zijn? Is hun hart niet verstoken van het goddelijke en geestelijke licht? De Vader zendt hun het licht van de ware kennis van God. Door het geloof geroepen hebben ze Hem gekend; meer nog, ze zijn door Hem gekend. Terwijl ze nog kinderen van nacht en duisternis waren, zijn ze kinderen van het licht geworden (Ef 5,8), want de dag heeft hen verlicht, de Zon der Gerechtigheid is voor hen opgegaan (Ml 3,20), en de morgenster is aan hen in al zijn schittering verschenen (Ap 22,16).

Alles wat wij zojuist gezegd hebben, kan ook toegepast worden op de Israëlieten. Ook zij hadden immers een gebroken hart, ze waren arm en in zekere zin gevangenen, en vervuld met duisternis… Maar Christus is gekomen om eerst aan de Israëlieten vóór de anderen, het doel van zijn komst te laten weten, en om tegelijk een genadejaar (Lc 4,19) en de dag van het oordeel aan te kondigen.

Het genadejaar is dat jaar waarin Christus voor ons gekruisigd werd. Want toen zijn we aangenaam geworden voor God de Vader. En wij dragen vrucht door Christus, zoals Hij het zelf heeft onderricht: “Waarachtig, Ik verzeker jullie: als een graankorrel niet in de akkergrond sterft, blijft hij onvruchtbaar. Maar hij moet sterven, alleen dan brengt hij rijke vruchten voort” (Jn 12,24). Hij zei ook: “Ikzelf moet van de aarde omhoog geheven worden en zo haal Ik allen naar Mij toe” (Jn 12,32). In werkelijkheid nam Hij het leven op de derde dag weer op zich, na de macht van de dood vertrapt te hebben. Toen zei Hij tegen de leerlingen: “Mij is alle macht gegeven in de hemel en op de aarde. Ga, en maak alle volkeren tot leerling; doop hen in de naam van de Vader, de Zoon en de heilige Geest” (Mt 28,18-19).

bron : http://www.dagelijksevangelie.org

Heilige Scholastica

 

Heiligenleven

 

De heilige Scholastica

 

 

Scholastica_Feb_10b zuster van Benedictus2.jpg

heilige Scholastica

 

 

De heilige Scholastica, was een lieflijke figuur, de tweelingzuster van de heilige Benedictus, de monniksvader van het Westen. Dit verklaart wel de sterke aanhankelijkheid welke tussen hen beiden bleef bestaan in hun gehele leven. In navolging van haar broer was ook zij van jongsaf in het klooster gegaan, eerst in Subiaco en later in de buurt van Montecassino, waar eigenlijk het eerste benedictinessenklooster ontstond omdat zij ook daar volgens de Regel van Benedictus leefden.

Eens per jaar kwam zij haar broeder bezoeken. Lager op de berg, buiten de muur van de abdij, was het vrouwengastenverblijf, waar zij dan logeerde. Benedictus kwam haar daar opzoeken met enkele van zijn monniken, en zij brachten dan de dag door met ernstige gesprekken en gezamelijk gebed. Zo waren zij eens in een geestelijk gesprek verdiept, maar Benedictus wilde dit afbreken om op tijd voor de vespers terug te zijn. Scholastica wilde hem overhalen om dit gesprek in de nacht voort te zetten, maar voor de regelgetrouwe Benedictus was dit onmogelijk. Bedroefd boog Scholastica het hoofd in de handen om haar wens aan God voor te leggen, en volkomen onverwacht barstte er uit heldere hemel zulk een heftig onweer los dat het geheel onmogelijk was om hetb rotsachtige pad omhoog te beklimmen, en daarna werd hij door de invallende nacht daarin verhinderd. Zo was hij dus gedwongen de nacht bij zijn zuster door te brengen.
Heel menselijk was de reactie van Benedictus toen zij haar betraand gelaat ophief bij het horen van de neerstromende regen : ‘God beware me, zuster, wat heb je nu gedaan ?’ En haar kalme antwoord : ‘ Ik heb het eerst aan jou gevraagd, maar je wilde niet luisteren, toen heb ik het aan mijn Meester gevraagd, en Hij heeft mij wel verhoord. Ga maar naar jullie klooster als je daar kans toe ziet’. Zo was in vervulling gegaan wat Scholastica’s wens bleek te zijn, want drie dagen na haar terugkeer in haar eigen klooster, is zij gestorven, 543.

Uit: heiligenlevens voor elke dag. uitg. Orth.klooster Den Haag

Heb de stilte lief : Isaak de Syriër

 

26.jpg

 

 

Heb de stilte lief boven alle dingen:
zij zal je een vrucht aandragen
die in woorden onmogelijk beschreven kan worden.
In het begin zijn wij het,
die onszelf dwingen te zwijgen.
Maar vervolgens groeit er uit ons zwijgen
iets dat ons tot het zwijgen aantrekt.
Dat God je het gevoel mag schenken van dat iets,
dat uit de stilte geboren wordt!

 

ISAAC VAN NINIVÉ
Syrische woestijnmonnik, 7e eeuw n.C.

Woord en stilte

Woord en stilte

In het Christelijk gebed

 

Het getuigenis van de filokalia

Kallistos Ware

 

Trek je sandalen uit!’

Een beslissend moment in de historie van het Oude Testament is het tafereel waarbij Mozes het brandende, maar niet verterende braambos nadert (Ex. 3)en er de stem van God hoort. Omdat deze passage een icoon is voor alle gelovigen,zijn de Godswoorden ook tot ons gericht, tot iedereen die verlangt binnen te gaan in het mysterie van het gebed.

Lees verder “Woord en stilte”