DE MAGISCHE WERELD VAN ORTHODOXE KLOOSTERS
Dit is een privé christelijke blog van Kris Biesbroeck, Licentiaat Theologie en filosofie. De inhoud van blog : Theologie, filosofie, Kerkvaders, Heiligenlevens, Exegese, Augustinus,enz… Alles wat sinds 2007 op de site is verschenen kan hier teruggevonden worden bij de Categorieën (bij het begin van de site) HET ADRES VAN DE SITE IS : CHRISTELIJKEINFORMATIEBRON.WORDPRESS.COM.
DE MAGISCHE WERELD VAN ORTHODOXE KLOOSTERS
ORTHODOXY AROUND THE WORLD
Vandaag viert de Orthodoxe Kerk
de gedaanteverandering van onze Heer Jezus Christus
op de berg TABOR
(één van de twaalf grote feestdagen in het kerkelijk jaar)

Gedaantevarandering – uit het SinaÏklooster – Egypte
“Mijn ziel love de Heer”
Nederlandstalige orthodoxe gezangen
Koor van de Orthodoxe parochie
Heilige Apostel Andereas. Gent.
1 Psalm 103 (104)
Zegen de Heer mijn ziel,
Heer mijn God, Gij zijt onnoemelijk groot
Gij hebt U zelf met licht omgord als met een kleed.
Heer, mijn God, Gij doet bronnen ontspringen
in de dalen stromen wateren.
Hooggeprezen zijt Gij,
o Heer, mijn God, geprezen zij Gij.
Ja, hoe groot zijn uw werken o Heer;
Gij hebt alles met wijsheid gemaakt.
Ere zij U, o mijn God, ere zij U.
Gij hebt alles met wijsheid gemaakt.
Eer aan de Vader, de Zoon en de Heilige Geest
nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen.
Alleluia, alleluia, alleluia, ere zij U, o God,
Alleluia, alleluia, alleluia, ere zij U, o God,
Alleluia, alleluia, alleluia, ere zij U, o God,
2 Kathisma (Vespers Zaterdagavond)
Gelukkig de man die niet gegaan is naar de raad der goddelozen.
Alleluia, alleluia, alleluia.
Want de Heer kent de weg der gerechten, maar de weg der goddelozen voert ten verderve
Alleluia, alleluia, alleluia.
Dient de Heer in vreze en verheugt u in Hem met beving
Alleluia, alleluia, alleluia,.
Zalig zijn allen die op Hem vertrouwen
Alleluia, alleluia, alleluia.
Sta op.o Heer red mij o mijn God
Alleluia, alleluia, alleluia.
Bij de Heer.is redding, en over uw volk is uw zegen
Alleluia, alleluia, alleluia.
Eer aan de Vader en aan de Zoon en aan de Heilige Geest
Alleluia, alleluia, alleluia.
nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen.
Alleluia, alleluia, alleluia.
Alleluia, alleluia, alleluia. Ere zij U o God.
Alleluia, alleluia, alleluia. Ere zij U o God.
Alleluia, alleluia, alleluia. Ere zij U o God.
Ere zij U o God.
Heer ik roep tot U, verhoor mij toch (Toon 1)
verhoor mij toch o Heer.
Verhoor de stem van mijn smeking wanneer ik tot U roep.
Verhoor mij toch, o Heer.
Laat mijn gebed nu opgaan
als wierook voor uw aangezicht
en de opheffing van mijn handen
zoals het avondoffer
Heer, verhoor mij toch.
4 1e en 2e Stichiren van de Verrijzenis, toon 1
Neem aan onze avondgebeden, o Heilige Heer
en schenk ons de vergeving van de zonden.
Immers Gij alleen..
Toont aan de wereld de opstanding
Komt alle volkeren rondom Sion
En geef eer aan Hem
Die uit de doden is opgestaan
want Hij is onze God
die ons bevrijdt heeft van onze misdaden
5 1e Stichier van de Verrijzenis, toon 2
Nadat Gij gekruisigd begraven werd,
verkondigde Engel U als de Meester
en sprak tot de vrouwen:
komt en ziet waar de Heer gelegen heeft;
want Hij is opgestaan zoals Hij had gezegd,
als de Almachtige.
Daarom aanbidden wij U
Die alleen ontsterfelijk zijt:
Levenschenkende Christus, ontferm U over ons.
6 1e Stichier van de Verrijzenis, toon 4
Uw levendmakend kruis,
Aanbidden wij zonder ophouden o Christus God.
en wij roemen uw Opstanding
want daardoor hebt Gij de bedorven natuur
der mensen vernieuwd o Almachtige,.
en ons de weg naar de hemel getoond.
Gij alleen goed en menslievende
7 1e en 3e Stichier van de Verrijzenis, 0toon 8
De avondgezang,
En de dienst van het Woord offeren wij u. o Christus
omdat Gij u verwaardigd hebt ons te verlossen
door Uw Opstanding
Heer, Heer, verlaat mij niet
want voor uw aangezicht
maar gewaardig u om ons te verlossen
door uw Opstanding.
Vriendelijk Licht der heilige glorie
des onsterfelijken, hemelsen en heilgen Vaders Jezus
Christus.
Weer aangeland bij zonsondergang,
schouwend het avondlicht
zingen wij de Vader en de Zoon,
en de Heilige Geest een lofzang als God.
Waardig is het U zalig te prijzen met heilige stem,
Zoon van God, Gij levenschenker.
Daarom roemt U de kosmos.
Wijsheid! avondprokimen !
V De Heer regeert, met majesteit is Hij omkleed.
K De Heer regeert, met majesteit is Hij omkleed.
V Met macht is de Heer aangedaan en omgord.
K De Heer regeert, met majesteit is Hij omkleed.
V Ook heeft Hij de aarde gevestigd en zij zal niet wankelen.
K De Heer regeert, met majesteit is Hij omkleed.
V Heiligheid komt uw huis toe o Heer tot in lengte van dagen.
K De Heer regeert, met majesteit is Hij om u.
V De Heer regeert
K met majesteit is Hij om u.
10 Kantiek van Symeon, toon 6
Nu laat Gij o Heer
uw dienaar gaan in vrede naar uw woord,
want mijn ogen hebben uw heil aanschouwd,
dat Gij bereid hebt voor het oog van alle volkeren.
Een licht tot verlichting van de heidenen
en tot glorie van uw volk Israël.
Moeder Gods en Maagd
verheug U, hoogbegenadigde Maria.
De Heer zij met U
Gij zijt de gezegende onder de vrouwen
en gezegend is Jezus
de vrucht van uw schoot
Want Gij hebt doen geboren worden de Verlosser van onze zielen.
12 “Onder uw hoede” (D. Bortnjanski, bew.: Xavier V.)
Onder uw hoede vluchten wij,
Maagd en Moeder van onze God.
Hoor onze smeking in alle noden
en verlos ons uit het gevaar.
Gij die alleen ongeschonden en gezegend zijt.
Alheilige Moeder Gods bescherm ons.
13 “God is Heer en Hij is ons verschenen”, toon4
V God is Heer en Hij is ons verschenen,
Gezegend Hij die komt in de Naam des Heren
K God is Heer en Hij is ons verschenen.
Gezegend Hij die komt in de Naam des Heren
V belijdt de Heer want Hij is goed
in eeuwigheid duurt zijn erbarmen.
K God is Heer en Hij is ons verschenen
Gezegend Hij die komt in de Naam des Heren
V Ik zal niet sterven, maar leven, en de werken des Heren verkondigen.
K God is Heer en Hij is ons verschenen.
Gezegend is Hij die komt in de Naam des Heren.
V De steen die de bouwlieden hadden verworpen,
deze is tot hoeksteen geworden,
door de Heer is dit geschiedt,
het is wonderbaar in zijn ogen.
K God is Heer en Hij is ons verschenen.
14 Polyeleos (Znamenni zang, bew.: Xavier V.)
Looft de naam des Heren, Alleluia.
Looft gij dienaren de Heer, Alleluia
Gezegend zij de Heer uit Sion
Die woont in Jeruzalem. Alleluia.
Belijd de Heer want Hij is goed, Alleluia, alleluia.
want eeuwig duurt zijn barmhartigheid. Alleluia.
Belijd de God des Hemels, alleluia, alleluia
Want eeuwig duurt zijn barmhartigheid, Alleluia
15 Opstandingstroparia I en II, toon 5
Gezegend zijt Gij, o Heer,
leer mij uw gerechtigheid.
Het leger der Engelen stond verwonderd, toen het U
zag in de gedaante des doods,
de kracht van de dood varnietigend,Verlosser.
Met U hebt Gij Adam opgeheven, en met hem hebt Gij
Allen uit de hades bevrijd.
Gezegend zijt Gij, o Heer,
leer mij uw gerechtigheid.
Gij vrouwen die Hem gevolgd zijt
Waarom mengt Gij in Uw medelijden
de wierook met tranen
De stralende engel riep in het graf de myrondraagsters toe
Ziet het graf en leert van mij
De Verlosser is opgestaan uit het graf
GODDELIJJKE LITURGIE
Gezegend zij het Koninkrijk van de Vader, en van de Zoon en van de Heilige Geest
nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen, Amen
Laa
t ons de Heer in vrede bidden, Kyrie eleyson
Voor de hemelse vrede en de redding van onze zielen bidden wij de Heer:
Kyrie eleyson
Om vrede voor de gehele wereld, het welzijn der heilige kerken God, en om de eenheid van allen bidden wij de Heer
Kyrie eleyson
Voor dit heilig Godshuis en voor hen die er met geloof , eerbied en vreze Gods binnentreden
Bidden wij de Heer
Kyrie eleyson
Voor onze Aartsbisschop Panteleimon, voor de geheel de geestelijkheid en voor gans het volk, bidden wij de Heer
K
Voor onze Koning Albert en onze Koningin Paola , voor de regering van dit land, bidden wij de Heer
K
Voor deze stad en alle steden en dorpen van het gehele land en voor alle gelovigen die er wonen bidden wij de Heer
K
Voor goed weer, overvloed van de vruchten der aarde, en om vredige tijden, bidden wij de Heer
K
Voor de reizigers ter land ter zee en in de lucht, de zieken, de lijdenden, de gevangenen en hun redding, bidden wij de Heer
K
Voor onze bevrijding uit elke verdrukking, toorn, gevaar en nood, bidden wij de Heer
K
Help ons en red ons, wees barmhartig, en bescherm ons, o God, door Uw Genade.
Onze alheilige, ongeschonden,hooggezegende, roemrijke Koningin, Godsmoeder, en altijdmaagd Maria, met alle Heiligen gedenkend, bevelen wij aan Christus God; onszelf, en elkaar, en geheel ons leven aan.
Aan U o Heer
Want U komt toe alle heerlijkheid, eer en aanbidding :
Vader, Zoon en Heilige Geest;
Nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen
Amen
17 1e Antifoon van Pasen (harm.: Paul M.)
Juicht voor de Heer, gehele aarde,
zingt een psalm voor zijn naam.
Door de gebeden van de heilige Moeder Gods
Heiland, hoor naar ons.
Zegt tot God: hoe ontzagwekkend zijn Uw werken,
de grootheid van uw kracht doet uw vijanden wijken voor U.
Door de gebeden van de heilige Moeder Gods
Heiland, hoor naar ons.
Hij heeft mijn ziel in leven gehouden
Hij heeft mijn voeten niet prijsgegeven aan de branding.
Door de gebeden van de heilige Moeder Gods
Heiland, hoor naar ons.
Komt en hoort, gij allen die God vreest
Ik zal u verhalen wat Hij aan mijn ziel gedaan heeft.
Door de gebeden van de heilige Moeder Gods
Heiland, o red ons
Eer aan de Vader , de Zoon en de Heilige Geest,
nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen, amen.
Door de gebeden van de heilige Moeder Gods
Heiland, hoor naar ons.
18 3e Antifoon: de Zaligspreking
In Uw koninkrijk, denk toch aan ons o Heer
Zalig zij die arm zijn van Geest
Want hun behoort het Rijk der Hemelen
Zalig zij die treuren
Want zij zullen getroost worden
Zalig zij die zachtmoedig zijn
Want zij zullen de aarde bezitten
Zalig zij die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid
Want zij zullen verzadigd worden
Zalig zij die barmhartig zijn
Want hun zal geschieden barmhartigheid
Zalig zij die zuiver zijn van hart
Want zij zullen God zien
Zalig zij die vrede stichten
Want zij zullen kinderen Gods worden genoemd
Zalig zij die vervolg worden om de gerechtigheid
Want het Rijk der hemelen behoort hun toe
Zalig zijt gij wanneer gij zult gesmaad en vervolgd worden
En wanneer men valselijk allerlei kwaad zal zeggen om mijnentwil
Verheugt en verblijdt u
Want groot is uw beloning in de hemel.
19 Kleine Intocht
Wijsheid staat op !
Kom laten wij Christus aanbidden
En buigen voor Hem
Red ons o zoon van God
Gij die uit de doden verrezen zijt
Wij die u bezingen Alleluia
20 Troparion van de Verrijzenis, toon 1
Terwijl de steen
Door de Joden verzegeld was
En de soldaten uw allerzuiverst Lichaam bewaakten.
Zijt Gij na drie dagen opgestaan o Verlosser
Om aan de wereld leven te schenken.
Daarom riepen de hemelse machten u toe
O Levensschenkende.
Ere zij Uw Verrijzenis, o Christus
Ere zij Uw Koninkrijk
Ere zij Uw voorzienigheid o enig menslievende
21 Troparion en Kondakion van de Verrijzenis, toon 2
Toen Gij het onsterfelijke leven nederdaalde tot de dood
Hebt Gij de onderwereld gedood,
door de bliksem de Godheid
En toen Gij de gestorvenen opwekte uit de onderwereld
Riepen alle machten der hemelen
O Christus onze God
Schenker des levens,
Ere zij U
22 Troparion van de Verrijzenis, toon 3
Dat hemelse en aardse wezens zich verheugen en jubelen
Want de Heer heeft de kracht van Zijn arm getoond.
Door Zijn dood is de dood vertreden
En werd Hij de eerstgeborene uit de doden.
Hij heeft ons verlost uit de diepte der hel
En aan de wereld grote genade geschonken.
23 Troparion van de heilige Aposlel Andreas, toon 4
Gij zijt de eerstgeroepene der Apostelen
En de broeder van Petrus.
Bidt daarom Heilige Andreas tot de meester van het heelal;
Om aan de wereld vrede te schenken
En aan onze zielen de grote genade.
24 Troparion en Kondakion van de Verrijzenis, toon 7
Door Uw kruis, zijt Gij de overwinnaar van de dood
En hebt Gij het paradijs geopend voor de rover.
De droefheid der myrondraagsters hebt Gij veranderd in vreugde
En Gij hebt hen gezonden tot de Apostelen
Om te verkondigen
Dat Gij waart Verrezen
O Christus onze God
Om aan de wereld grote genade te schenken.
Niet langer houdt de onderwereld
De gestorvenen vast
Want christus is er afgedaald
En heeft diens kracht vernietigd;
De hades is geboeid
De profeten jubelen en roepen
De Verlosser is de gelovigen verschenen,
Verheft u in het geloof der opstanding
25 Troparion en Kondakion van de Verrijzenis, toon 8
Gij zijt uit de hoge neergedaald o Barmhartige
En zijt drie dagen in het graf gebleven
Om ons van het lijden te bevrijden, Gij zijt ons leven
En onze verrijzenis Heer
Ere zij U
Nadat Gij zijt opgestaan uit het graf
Hebt Gij de doden opgewekt
En Adam weer doen opstaan, de einden
der wereld jubelen.
Over uw ontwaken uit de doden
O Albarmhartige
26 Trisagion (T.Popesco, bew.: Paul M.)
Sfinte dumne zeule
27 Prokimen van de Verrijzenis, toon 7
De Heer schenkt Zijn volk kracht
De Heer zegent Zijn volk met vrede
Offert de Heer glorie en eer
Offert de Heer de heerlijkheid van Zijn Naam.
De Heer…….
De stem des Heren over de wateren
De Heer der glorie doet de donder rollen
De Heer…..
28 Alleluia, toon 1
Wijsheid staat op
Alleluia…
Het is goed de Heer te belijden
En psalmen te zingen voor Uw Naam Allerhoogste
Alleluia….
Om ’s morgens uw barmhartigheid te verkondigen
En uw waarheid in de nacht
Alleluia
29 Dringende Litanie
Zeggen wij allen met geheel onze ziel, zeggen wij uit geheel ons hart :
Kyrië eleyson
Heer Almachtige God, God onzer Vaderen, wij smeken u : luister en wees barmhartig
God, wees ons barmhartig volgens Uw grote barmhartigheid;
wij smeken U : luister en wees barmhartig.
Kyrie eleyson, (3 X)
Ok bidden wij voor de vrome Orthodoxe Christenen,
Ook bidden wij voor de Aartsbisschop Panteleimon
Ook bidden wij voor onze Koning Albert, onze Koningin Paola
De regering van dit land en voor allen die er wonen.
Ook bidden wij voor alle Orthodoxe Patriarchen,
Metropolieten en bisschoppen, voor de priesters en diakens;
voor de monniken en monialen;
en voor het gehele volk.
Ook bidden wij voor de zieke dienaren en dienaressen Gods,
opdat God hen moge sparen en redden en te hulp komen in hun ziekte.
Ook bidden wij voor onze overledenen, en voor alle overleden
broeders en zusters die ons zijn voorafgegaan.
Ook bidden wij voor hen die goede vrucht dragen en helpen
in deze heilige en eerbiedwaardige kerk.
Voor hen dier er werken, voor hen die er zingen en voor
heel het rondomstaande volk, dat van U grote en rijke
Barmhartigheid verwacht.
Ook bidden wij voor hen die U zoekn,
Voor hen die u nog niet zoeken,
Voor hen die U aanroepen zonder U te kennen
En voor hen die weerstaan aan Uw genade.
Want Gij zijt een barmhartige en menslievende God, en tot U zenden wij onze lof : Vader, Zoon en Heilige Geest;
Nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen.
Amen
30 Cherubijnenhymne (Dvoretsky, bew.: Paul M.)
Wij die in dit mysterie
verzinnebeelden de Cherubijnen
En die de hymne zingen
D’hymne driemaal heilig aan de levensschenkende
Drie-eenheid.
Laat ons terzijde, laat ons ter zijde stellen
Alle zorgen van deze wereld. Amen
Om de Koning te ontvangen van het heelal
Onzichtbaar begeleid
door de engelenkoren.
Alleluia,alleluia,alleluia
31 Eucharistische Canon (Feofanovskoje)
P. Laat ons eerbiedig staan;
Laat ons met vreze staan;
Laat ons aandachtig zijn
Om het heilig offer in vrede op te dragen.
K. Gift van Vrede, een offer van lof, van Lof
P.De genade van onze Heer Jezus Christus
De liefde van God de vader
En de gemeenschap van de Heilige Geest,
Zij met u allen.
K. En met uw Geest.
P. Omhoog de harten
K. Wij heffen ze omhoog tot onze Heer
P. Laat ons de heer dankzeggen
K. Het is recht en waardig, recht en waardig te aanbidden de
Vader en de Zoon en de Heilige Geest.
Drie-eenheid , één -wezenlijk en ondeelbaar, één-wezenlijk en ondeelbaar.
P.Wij danken U ook voor deze Eucharistie, die Gij uit onze handen wilt aanvaarden, terwijlGij toch beschikt over duizenden Aartsengelen en tienduizenden Engelen, over Cherubijnen en Serafijnen, met zes vleugels en vele ogen, hoog opwiekend
Het triomflied zingend, roepen, luid jubelend en zeggend :
K. Heilige, Heilig, Heilig is de Heer Sabaot.
De hemel en aarde zijn vol van Uw heerlijkheid. Hosanna ;hosanna in de hoge.
Gezegend is Hij die komt in de Naam van de Heer.
Hosanna, hosanna in de hoge
P. Offeren wij U het uwe, genomen uit het Uwe, namens alles en voor allen.
K. Wij prijzen U
Wij loven U
Wij zeggen U dank, o Heer,
En wij bidden U, en wij bidden U,
O Onze God, O onze God, O onze God
32 Hymne tot de Moeder Gods (melodie uit Wit-Rusland)
Het is waarlijk passend u zalig te prijzen
Moeder van God.
Zalig geprezen en ongeschonden,
Moeder van onze God.
Gij eerbiedwaardiger dan de Cherubijnen
en onvergelijkelijk roemvoller
dan de Serafijnen,
Die zonder smet, God, het Woord hebt gebaard.
gij moeder van God, U prijzen wij
33 “Onze Vader” (N. Rimsky-Korsakov)
Onze Vader die in de hemelen zijt
Geheiligd zij Uw Naam
Uw Rijk kome,
Uw wil geschiede op aarde als in de hemel.
Geef ons heden ons dagelijks brood
En vergeef ons onze schulden
Zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren
En leid ons niet in bekoring
Maar verlos ons van DE kwade
34 “Koning van de Hemel” toon 6
Koning van de Hemel
Trooster Geest der waarheid,
die overal tegenwoordig zijt
en met wie alles vervuld is,
Schatkamer van alle goed,
Gever van het leven.
Kom en verblijf in ons, zuiver ons van alle smet
En red onze zielen o algoede
35 Communiezang
Ontvang het Lichaan van Christus
Drink aan de bron der onsterfelijkheid.
Alleluia, (3 X)
36 “We hebben het ware Licht aanschouwd” toon2
God red Uw volk en zegen Uw erfdeel.
Wij hebben het ware Licht aanschouwd
Wij hebben de Hemelse Geest ontvangen.
Wij hebben het ware geloof gevonden.
Wij aanbidden de ondeelbare drie-eenheid,
Want ’t is zij die ons heeft gered
37 Psalm 33 (34)
Ik wil de Heer zegenen ten alle tijden,
Altijd blijve Zijn lof in mijn mond.
In de Heer verheft zich zijn ziel,
Dat de zachtmoedigen het horen en zich verheugen.
Verheerlijkt de Heer met mij.
Laat ons tesamen zijn Naam verheffen.
Ik zocht de Heer en Hij heeft mij verhoord,
Hij heeft mij bevrijd uit al mijn beproevingen.
Vreest de Heer gij al zijn heiligen.
Want voor wie Hem vrezen is er geen gebrek.
Rijken werden arm en noodlijdend,
Maar wie de Heer zoeken zal het aan geen enkel goed ontbreken.
Eer aan de Vader en de Zoon
En aan de Heilige Geest,
Nu en altijd en in de eeuwen der eewen.
Amen
Dienst der overledenen
38 Kondakion van de overledenen en
“Eeuwige gedachtenis”
Met Uw Heiligen,
Laat rusten, o Christus,
De ziel van uw dienaar(es)
Waar geen smart noch droefheid is,
Doch waar leven is zonder einde.
Eeuwige gedachtenis (3 X)
VASTEN- EN PAASTIJD
39 “Nu dienen” uit de liturgie van de Voorafgewijde Gaven
(D. Bortjanski, bew. Paul M.)
Nu dienen met ons tezamen hemelse machten
onzichtbaar bij ons.
Want de Koning der eeuw’ge heerlijkheid treedt nu
in ons aller midden.
Zie, het volmaakte, het heilige Mysterium
wordt op speren binnengedragen.
Wilt met geloof en met liefde Hem naderen, opdat gij deel hebt
aan het eeuwige leven.
Alleluia, Alleluia,alleluia
40 “De edele Jozef
Troparion van Goede Vrijdag, toon2
De ed’le Jozef heeft u van het kruis
Genomen U o Heer. In smetteloos
welriekend linnen heeft
Hij U gehuld.
Toen Gij in ’t dodenrijk zijt afgedaald
O onsterfelijk leven
Hebt Gij hades vernietigd
Door uw God’lijk licht.
De myrondraagsters kwamen Aan Uw graf
O Heer en God, maar de engel aan het graf sprak hun toe
Zie deze myronbalsem is passend voor wie
Gestorven zijn, maar Christus is de
Onvergankelijke Heer
41 3e Antifoon van Pasen
Dat God verrijze en dat zijn vijanden verstrooid mogen worden.
42 Troparion van Pasen:
In het Roemeens (har,: Paul M.)
Christos a inviat din mortz
Cu morte pre moarte calkînd
Chi chelor
Din mormîntur viatsa daruin
dule
In het Grieks (harm.: Paul M.
Christos anesti ek nekron
tanaton thanaton patisas
ketis entis mnimassin
zoin charissamenos.
Christos voskresje iz mjertvych
smertijoe smjert poprav
ie soesjtsjiem vo grobjech
zjivot darovav.
Schenk o Heer aan uw dienaars een welvarend en vredig leven,
gezondheid , heil en voorspoed in alles wat zij ondernemen,
en schenk hen nog vele jaren
Mno gaja ljeta (nog vele jaren)
Mno gaja ljeta
Mno gaja ljeta
MOSKOU – De Russische schrijver Aleksandr Solzjenitsyn is zondagavond op 89-jarige leeftijd overleden in zijn huis buiten Moskou. Hij werd beroemd vanwege zijn boeken over de ‘Goelag’, het onmenselijke en onmetelijke sovjetsysteem van gedwongen werkkampen waarin hij zelf jaren vertoefde. Het leverde hem in 1970 de Nobelprijs voor de Literatuur op. In 1974 werd Solzjenitsyn verbannen naar het Westen, waar hij werd ontvangen als held. Zijn hartverscheurende beschrijving van de wandaden van het sovjetregime in de Goelag Archipel zette ook de laatste westerse sympathisanten van het communistische experiment aan het denken.
Superioriteitsdenken
Maar tijdens zijn twintigjarige verblijf in het Westen rekende de diep religieuze Solzjenitsyn ook af met het westerse superioriteitsdenken en het kapitalisme. ‘Onaangeraakt als ze zijn door de adem van God en onbeteugeld door het menselijke geweten, zijn zowel kapitalisme als socialisme weerzinwekkend.’
Bij zijn terugkeer in Rusland in 1994 kritiseerde Solzjenitsyn de morele teloorgang van zijn land onder het hyperkapitalisme van de toenmalige president Jeltsin. Ironisch genoeg moest er een oud-KGB-officier (president Vladimir Poetin) aan te pas komen, om hem weer enig vertrouwen in de toekomst van Rusland te schenken.
http://www.vk.tv/video/embed.php?id=1051585
Solzjenitsyn, volgens literatuurcritici een van Rusland’s grootste schrijvers uit de Twintigste Eeuw, weigerde prijzen in ontvangst te nemen van Gorbatsjov en Jeltsin. Maar vorig jaar ontving hij uit handen van president Poetin, in zijn rode huisje met uitzicht over de Moskou Rivier, de staatsprijs voor humanitaire verdiensten.
Gedemoraliseerd volk
‘Poetin erfde een leeggeplunderd en losgeslagen land, met een verarmd en gedemoraliseerd volk’, zei Solzjenitsyn in 2007 tegen Der Spiegel. ‘Hij begon te werken aan een geleidelijke restauratie.’ Dat hem dat weinig vrienden in het Westen heeft opgeleverd, verbaast niet. ‘Het Westen was gewend geraakt aan de idee dat Rusland een Derde Wereld land was geworden en voor altijd zou blijven. De eerste reactie toen Rusland wat van zijn kracht hervond, was paniek.’
Aleksandr Solzjenitsyn, geboren op 11 december 1918 in Kislovodsk, stamt uit een familie van kozakintellectuelen. Hij werd door zijn moeder opgevoed, zijn vader was al overleden voor zijn geboorte. Afgestudeerd als wiskundige aan de Universiteit van Rostov A/D Don, vocht hij in de Tweede Wereldoorlog als artillerieofficier. Aan het einde van de oorlog, terwijl hij met het Rode Leger oprukte naar Königsberg, werd Solzjenitsyn gearresteerd. In een brief had hij zich kritische opmerkingen veroorloofd over ‘de man met de snor’, Stalin.
Wat volgde waren acht jaar werkkamp en drie jaar gedwongen interne verbanning in Kazachstan. Tijdens zijn verblijf in ‘de Goelag’ (een acroniem van de sovjetbenaming voor het omvangrijke systeem van straf- en werkkampen dat zich sinds de jaren twintig had ontwikkeld) schreef Solzjenitsyn zijn eerste ervaringen op. Maar hele gedeelten van wat later Een dag uit het Leven van Ivan Denisovitsj zou worden, leerde hij uit zijn hoofd, zodat deze teksten niet verloren konden gaan in de kampen.
In 1956 mocht Solzjenitsyn zich als wiskundeleraar vestigen in Rijazan, en kon hij zijn ervaringen opschrijven. De publicatie in 1962 van Een dag uit het leven van Ivan Denisovitsj in het literaire tijdschrift Novi Mir veroorzaakte en literaire sensatie in en buiten de Sovjet-Unie. Voor het eerst werden de beestachtige omstandigheden in de Sovjetkampen beschreven voor een groot publiek.
Nobelprijs
Nadat sovjetleider Nikita Chroetsjov in 1964 door Brezjnev van zijn troon was verstoten, brak opnieuw een moeilijke periode aan voor Solzjenitsyn. Hij werd uit de schrijversbond gegooid, lastig gevallen door de KGB en zijn nieuwe werken konden alleen buiten de Sovjet-Unie gepubliceerd worden. Toen hem in 1970 de Nobelprijs voor Literatuur werd toegekend, besloot hij niet naar de uitreiking te gaan – uit angst dat hij niet meer het land zou worden binnengelaten.
Vier jaar later was het zover, bij de publicatie van het eerste deel van de Goelag Archipel, een serie van drie boeken waarin hij uitgebreid het omvangrijke systeem van de Goelag-strafkampen documenteerde, voorzien van eigen ervaringen en getuigenissen van andere gevangen. De schrijver werd beschuldigd van verraad en moest het land verlaten. In handboeien werd hij op een vliegtuig naar West-Duitsland gezet.
Uiteindelijk streek Solzjenitsyn met zijn gezin neer in een Canvendish in de Amerikaanse staat Vermont, waar hij in een zelfverkozen isolement zijn productiefste jaren als schrijver zou beleven. Behalve aan de overige delen van de Goelag Archipel werkte hij er onder meer aan Het Rode Wiel – een eindeloze reeks boeken over de Russische geschiedenis die het doorzettingsvermogen van menig literatuurcriticus op de proef stelde.
Kanonschoten
Het was ook vanuit zijn zorgvuldig voor de buitenwereld afgesloten ‘vesting’ in Vermont, dat Solzjenitsyn zijn kanonschoten op de westerse wereld, vervuld van een zielloos en Goddeloos materialisme, begon af te schieten. In een beroemde toespraak op de Harvard University in 1978 wees hij de westerse ‘pluralistische democratie’ af als model dat elders navolging verdiende. En zeker in Rusland: ‘Elke eeuwenoude, diep gewortelde autonome cultuur, vooral wanneer deze verspreid is over een groot deel van het aardvlak, vormt een autonome wereld, vol van raadselen en verrassingen voor het westerse gedachtegoed. Rusland is daar al meer dan duizend jaar een voorbeeld van.’
Toen Solzjenitsyn in 1994 terugkeerde op Russische bodem, bood zijn lange, symbolische reis vanuit Azië naar Moskou voor veel buitenstaanders en Russen een wat pathetische aanblik. Zijn felle kritiek op de morele teloorgang van zijn land sloeg niet onmiddellijk aan en zijn klacht dat zijn landgenoten zelfs niet de moeite namen zijn (lijvige) boeken te lezen, leek aan dovemansoren gericht.
De echte restauratie – van de auteur en van Rusland zelf – volgde pas later, met de komst van president Poetin, hoge olieprijzen, en een meer autoritair bewind. Solzjenitsyns kritiek op de wanorde van de jaren negentig en noodzaak van culturele en spirituele wederopleving bleek naadloos aan te sluiten bij het Poetin-tijdperk. Die staat namelijk niet alleen in het teken van de economische en politieke wederopstanding van Rusland, maar ook van de heropleving van een sterke orthodoxe kerk – die als vanouds sterk aan de staat is gelieerd.
Unieke weg
En ook het thema van de unieke weg die Rusland in de wereldgeschiedenis te bewandelen heeft – niet belemmerd door westerse ‘adviezen’ en geholpen door het enige ware geloof, de Russische orthodoxie – heeft onder Poetin weer aan kracht gewonnen.
Zo kan het, dat de voormalig KGB-officier en de ‘slaaf’ uit het sovjetkamp, elkaar de afgelopen jaren spiritueel omarmd hebben. Voor een westers publiek is het wellicht een van die ‘raadsels’ waar Rusland de buitenwereld van tijd tot tijd voor plaatst. Zeker is dat Solzjenitsyn in eigen land als nationale held zal worden begraven – en dat hij een serie humanitaire meesterwerken nalaat, die getuigen van de totalitaire dwalingen waarin Europa de vorige eeuw verstrikt raakte
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Maandag, 04 augustus 2008
BRUSSEL (KerkNet/Interfax/KAP) – Aartspriester Vsevolod Chaplin prijst de overleden schrijver, dissident en Nobelprijswinnaar Alexander Solzjenitsyn, die zich bekende tot de Russisch-orthodoxe Kerk. Chaplin omschreef Solzjenitsyn als een pionier voor komende generaties. “Hij laat een rijke erfenis na voor de toekomst van Rusland.” Vsevolod Chaplin, secretaris van het departement externe relaties van de Russisch-orthodoxe Kerk, herinnert eraan dat Solzjenitsyn diep gelovig was en de Russisch-orthodoxe Kerk beschouwde als een van de stuwende krachten achter de vernieuwing van Rusland. “Hij verstond de kunst met machthebbers in eigen land, in het Westen en met het volk te spreken, en hij weigerde zich aan te passen aan de heersende mode of publieke opinie. De vroegere tegenstander van het Sovjetbewind uitte niet enkel kritiek op politiek en samenleving, maar hij gaf ook de praktische wegen aan voor de weg die men moest inslaan.” De historicus en schrijver Solzjenitsyn overleed aan een hartstilstand. Zijn uitvaart vindt aanstaande woensdag plaats. Later wordt hij bijgezet op de begraafplaats van het Donskojklooster, waar hij vijf jaar geleden de eigen begraafplaats uitkoos.
(Kerknet)

THEOLOGIE EN MYSTIEK
of
OVER HET WOORD VAN GOD EN DE MYSTIEKE ERVARING ERVAN
Veelal hoort men dat men het goddelijk mysterie niet moet verdiepen om het te behoeden voor een verstandelijke uitleg. Men moet het eerder beleven… Maar zijn wij met onze belevenis, ons geloof en onze houding wel steeds op de weg van de waarheid ?
Men mag dus bijgevolg het geloof in het goddelijk mysterie niet herleiden tot een zuivere intellectuele of een zuiver mystieke aangelegenheid. Denken we aan de woorden van de H. Evagrius van Pontus (4de e): “Indien je theoloog bent, dan zal je werkelijk bidden, en indien je werkelijk bidt, dan ben je theoloog”. Hoe ben ik zeker van dit “werkelijk” bidden ?
De orthodoxe Kerk benadrukt met aandrang dat de ganse goddelijke liturgie een sacrament is waarbij het sacrament van het Woord één is met het sacrament van de Gaven; (cfr. “L’eucharistie: sacrament du royaume” V. Alexander Schmemann).
De leer van de Kerk verdiepen is niets anders dan deelnemen, communiceren zeggen de Vaders, aan het Woord van God. Het Woord van God is Jezus Christus; Hij is de “theologos”; Hij is het Woord dat
“waarachtig leven” schenkt vrij van verderf, lijden en dood. Het is toch betekenisvol dat wij Christus niet ‘bloed of lichaam van God’ noemen maar wel Woord van God.
Dit “waarachtig leven” is het ware geloof van de Kerk, is de waarheid van de Kerk, met welke ik in gemeenschap, in communio kan treden. Dit veronderstelt een ontlediging van mijn vooroordelen, mijn hardnekkigheid, mijn egocentrisme, mijn onwetendheid om mij te zuiveren en om werkelijk het Woord van de Ander te aanvaarden en lief te hebben. Het sacrament van de Heilige Eucharistie is communiceren aan het Woord van God, Jezus Christus werkelijk aanwezig in de Heilige Communie.
Door participatie word ik deelachtig aan het leven-schenkende Woord, de enige waarheid en realiteit voor de Kerk. De Kerk kan dus bijgevolg niet de waarheid onderwijzen, maar kan enkel de weg naar die waarheid tonen. De Kerk, in zijn liturgische bijeenkomsten, viert niet alleen het sacrament van de bijeenkomst van de gelovigen maar ook hun samen op weg zijn naar het eeuwige leven dat geen scheiding, verderf, lijden en dood kent.
Deze deelname aan het goddelijk mysterie vindt zijn uitdrukking in de spiritualiteit, of beter nog in de mystieke theologie van de Kerk. Voor de Kerk en haar traditite bestaat er geen echt onderscheid tussen theologie en mystiek, tussen het woord en de deelname aan dit woord, tussen de leer van de Kerk en de persoonlijke ervaring van het goddelijke mysterie. Een onderscheid zou een tegenstrijdigheid zijn, want Jezus Christus is het Woord van God en het leven van de wereld. Het Woord van God redt de wereld juist omdat dit Woord leven is.
Theologie en mystiek vervolledigen elkaar en het ene is ondenkbaar zonder het andere. De theologie staat in dienst van de mystiek. Weliswaar moeten we nu theologie begrijpen als het Woord-Christus dat leven geeft. De mystieke ervaring is een persoonlijkewaardering, de theologie is een uitdrukking voor het nut van allen, maar ervaren door elkeen. De theologie behoedt de waarheid van de Kerk in haar geheel, anders zou de mystieke ervaring van ieder van ons ontdaan zijn van zekerheid, van objectiviteit; het zou een mengsel zijn van hetgeen waar en vals is, van realiteit en illusie en wij vervallen in “mysticisme”.
Anderzijds heeft het Woord van God als theologie, als het onderricht van de Kerk, geen enkele vat op de ziel, indien deze geen intieme ervaring uitdrukt van de gegeven waarheid, waarin elke gelovige zich kan terugvinden. Er is geen mystiek zonder theologie, en geen theologie zonder mystiek. Het is geen toeval dat de titel “theoloog” werd toegekend door de Kerk aan de drie meest mystieke kerkleraren: de heilige Johannes, de heilige Gregorios en de heilige Symeon.
Indien er zich, om een of andere reden, toch een kloof voordoet tussen mystiek en theologie dan krijgen we te kampen met het verschijnsel “secularisatie”; waarbij de ziel in haar ervaring vervreemdt van het onderricht van de Kerk. Dit verschijnsel werd een historische realiteit in de loop der tijden. Ook de orthodoxe Kerk kan aan dit gevaar ten prooi vallen; indien niet langer de mystieke ervaring van de gedoopten geldt als autoriteit, als canon om de waarheid van de Kerk verder te behoeden en te bepalen.
Het onderricht en de kennis van het Woord van God, realiteit en waarheid van de Kerk, is in laatste instantie een middel, een geheel dat ons verlicht – waarbij ons christen-zijn voor onszelf en anderen een oneindige en onschatbare verkenning wordt op de weg naar het eeuwig leven – en moet dienen om ons te verenigen met Diegene die alle kennis te boven gaat: de vereniging met God, ook theosis genoemd.
De christelijke leer is dus praktisch gericht enheeft een mystieke bedoeling: de vereniging met God.
De ganse geschiedenis van de Kerk is een dogmatische stijd, een voortdurende bezorgdheid om op elk moment van de geschiedenis voor de christenen de mogelijkheid te vrijwaren de volheid van de mystieke vereniging te realiseren, die zich als volgt resumeert: “God is mens geworden opdat de mens vergoddelijkt worde”.
Het zich inwijden in het leven, in de theologie van de Kerk is dus meer dan noodzakelijk om haar spiritualiteit en haar leer te kennen die de basis vormen van een mystiek. De Kerk is bijgevolg ook bezorgd over de inwijding van haar gedoopten, waarbij zij op het einde der tijden – in naam van haar gezagdragers – verantwoording zal moeten afleggen over haar pedagogische rol. Vandaar dat wij binnen deze Kerk de gelegenheid hebben om ons verder in te wijden bij middel van persoonlijke lectuur: boeken, tijdschriften, kunstboeken enz.; maar ook door catechetische besprekingen, cursussen die hier en daar ingericht worden, reizen, pelgrimstochten en dergelijke meer.
De mystieke theologie is niets anders dan een spiritualiteit die een houding uitdrukt gebaseerd op de leer van de Kerk. Wij kunnen dus de vereniging met God niet ten volle realiseren zonder ingewijd te zijn in het Woord van God, waarvan ons de volheid zal geopenbaard worden in die vereniging. Dit lijkt wat tegenstrijdig, maar op de inwijding van de mens zal de ve
rdere inwijding in en door de Heilige Geest plaats vinden. “Ik plaatste het vuur op aarde… ik verlang dat alles vuur vatte”. Door de doop en de myronzalving ben ik in de mogelijkheid om door de Geest die over mij is, de boodschap uit te dragen en het ware licht te geven. Ik drink deze kelk niet tot veroordeling maar tot heiliging van ziel en lichaam. De theologie moet een praxis, een houding veroorzaken.
Immers, Jezus heeft ons geen nieuwe filosofie,systeem, ideeënleer of een eenvoudige godsdienst achtergelaten; maar Hij heeft Zijn Lichaam achtergelaten, Zijn Geest gezonden om de mens herboren te laten worden van water en geest, de enige ware renaissance voor de menselijke ziel. Dit herboren worden is zich bekleden met Christus, het Woord van de Vader, de drager van de Geest. Het Evangelie spreekt ons over “nog vele dingen die niet in boeken te vervatten zijn”. Al deze zaken kunnen we kennen in en door de Kerk. Zo ook met het Evangelie: buiten de Kerk betekent dit zo goed als niets. Het is geen toeval dat het Evangelie op het altaar staat.
Onder invloed van andere historische gebeurtenissen, zal de Kerk later dogma’s formuleren. Oorspronkelijk zijn het “hori” in het Grieks of “termini” in het Latijn. Dit wil zeggen “grenswaarheden” of de grenzen aanduiden binnen dewelke de waarheid van de mystieke ervaring blijft behouden. Een dogma zal niets anders doen dan dezelfde waarheid “Christus is verrezen uit de doden” in een ander verwoording uitdrukken, naargelang de historische omstandigheden of de ketterse leer, die moet weerlegd worden. Zowel het Evangelie als het dogma drukken de volheid van het nieuwe verborgen leven uit. Het leven van de Kerk, haar traditie en dogma’s, moeten niet alleen behouden blijven, maar ook ons leven veranderen. Anders heeft de theologie geen praxis veroorzaakt en betekent dit dat het Woord Gods niet naar zijn waarheid wordt geschat, in een steriele afgrond is gestikt en geen vlees en bloed geworden is in de mens. Wanneer wij bidden zeggen wij woorden. De bedoeling echter is dat wij zelf gebed worden en zijn door ons dagdagelijkse handelingen uit te drukken in een onafgebroken liturgische handeling met de zondagsliturgie.
De grootste inspanning binnen de theologische kringen van de eerste eeuwen is het op punt stellen van de leer van dit Woord Gods, te weten de leer in verband met Christus of christologie. Dit wil zeggen:
Christus is de tweede persoon van de Heilige Drie-Eenheid en is volkomen God en volkomen Mens. De gehele christelijke leer, en dus bijgevolg ook de orthodoxe leer, is een christologische leer. Alles concentreert zich om het mysterie van de God-mens Christus. De leer over de Kerk of ecclesiologie, de leer over de Heilige Geest of pneumatologie, de leer over de Heilige Drie-Eenheid of triadologie, de leer over Maria of mariologie, de heiligenleer of hagiologie, de leer over het heelal of cosmologie, de leer over de mens of anthropologie, de leer over het beeld of iconologie enz. zijn geen gevolgen of uitlopers van de christologie. Neen. De ecclesiologie is christologie, de pneumatologie is christologie, de triadologie is christologie, de cosmologie is christologie, de anthropologie is christologie, de iconologie is christologie; met andere woorden alles laat zich begrijpen, kennen ervaren en beschouwen door en in het mysterie van Christus, het Woord van God dat in de wereld kwam.
“Mijn ziel kleeft aan de grond, maak uw dienaar levend naar uw Woord” zegt de psalm. De theologie is een catechetische uiteenzetting, geen wetenschap voor intellectuelen, ieder die bidt is theoloog. Toch huiveren heel wat mensen bij het horen van het woordje theologie. Vergeten we niet dat de zwakheid van een Kerk ligt in de zwakheid van haar theologie. Binnen de theologie moeten we echter opnieuw de methode van de kerkvaders invoeren: de patristieke methode, die erin bestaat de leer te verbinden aan de spiritualiteit, het geloof aan de liturgie, het gebed aan de ethiek; m.a.w. de innerlijk vitale band te zien tussen de verschillende onderdelen binnen de theologische studie. Het komt er op aan, zoals dit ook het geval is in een historische benadering van aan totaal-geschiedenis te doen; terug de band te ontdekken tussen de leer, het gebed, de eucharistie, de kunst, de muziek, de canons, de uitleg van de bijbel, de spiritualiteit, de ethiek enz. die alle
vertrekken en uitmonden in het mysterie van Christus, hernomen, tegenwoordig gesteld en naar het einde verwijzend in de Eucharistie.
En zoals de H. Ireneus van Lyon (2de e) het samenvat: “onze leer (lees onze theologie) is in overeenkomst met de eucharistie, en de eucharistie bevestigt haar”.
Vader Dominique
Soms kan de vlam (van een lamp)
oplaaien en hevig branden.
Andere keren brandt hij zacht en stil.
Soms licht de vlam plotseling op
en geeft een sterk licht af.
Andere keren verspreidt de kleine vlam
(van de lamp) slechts een flauw licht.
Zo is het ook gesteld met de lamp
(van de genade in de ziel).
Hij is altijd ontstoken en
geeft onophoudelijk licht,
Maar als hij opvlamt en
zijn bijzondere straling verspreidt,
is het alsof de ziel dronken is van de liefde Gods.
Andere keren, bepaald door God Zelf,
is het licht er nog wel,
Maar is het slechts een zachte gloed.
Makarios de Grote
+
ZEVENDE ZONDAG NA PINKSTEREN
‘Van de blinde en de stomme’

|
Genezingen En terwijl Jezus vandaar verder ging, volgden Hem twee blinden, al roepende en zeggende: Heb medelijden met ons, Zoon van David! 28 En toen Hij het huis was binnengegaan, kwamen de blinden tot Hem, en Jezus zeide tot hen: Gelooft gij, dat Ik dit doen kan? Zij zeiden tot Hem: Ja, Here. 29 Toen raakte Hij hun ogen aan en zeide: U geschiede naar uw geloof. 30 En hun ogen gingen open. En Jezus verbood hun ten strengste en zeide: Ziet toe, niemand mag dit weten! 31 Maar zij gingen heen en maakten Hem in die gehele streek bekend. 32 Terwijl zij heengingen, zie, men bracht een doofstomme bezetene bij Hem. 33 En nadat de boze geest was uitgedreven, sprak de doofstomme. En de scharen verbaasden zich en zeiden: Zo iets is nog nooit in Israël voorgekomen! 34 Maar de Farizeeën zeiden: Door de overste der boze geesten drijft Hij de geesten uit. 35 En Jezus ging alle steden en dorpen langs en leerde in hun synagogen en verkondigde het evangelie van het Koninkrijk en genas alle ziekte en alle kwaal. bewogen |
Romeinen 15,1-13
|
Zwakken en sterken
1 Wij, die sterk zijn, moeten de gevoeligheden der zwakken verdragen en niet onszelf behagen. 2 Ieder onzer trachte zijn naaste te behagen, ten goede, tot opbouwing, 3 want ook Christus heeft Zichzelf niet behaagd, maar, gelijk geschreven staat: De smaadwoorden van hen, die U smaden, kwamen op Mij neder. 4 Al wat namelijk tevoren geschreven is, werd tot ons onderricht geschreven, opdat wij in de weg der volharding en van de vertroosting der Schriften de hoop zouden vasthouden. 5 De God nu der volharding en der vertroosting geve u 7 Daarom, aanvaardt elkander, zoals ook Christus ons aanvaard heeft tot heerlijkheid Gods |