Zesde zondag na Pasen : de Blindgeborene

 

 ZESDE ZONDAG NA PASEN

ZONDAG VAN DE BLINDGEBORENE

bLINDGEBORENE (450 x 607)

 

 

KONDAKION :

Ik ben blind aan de ogen van mijn ziel, maar ik kom tot U,Christus, zoals de Blindgeborene, en vol berouw roep ik tot U : Gij zijt het helderstralende licht voor allen die in het duister zijn.

TROPARION :

Komt, laat ons bezingen en aanbidden het met de Vader en de Geest medeeeuwige Woord, Dat om ons te verlossen uit de Maagd geboren is. Want Hij heeft het op zich genomen Zijn lichaam aan het Kruis te laten slaan en de dood te verduren, om door Zijn roemrijke Opstanding de doden op te wekken.

Het verhaal van de blindgeborene verteld voor kinderen


HET VERHAAL VAN DE BLINDGEBORENE VERTELD VOOR KINDEREN


Jezus zag een man die van zijn geboorte af blind was. Zijn leerlingen vroegen Hem : ‘Heeft deze man gezondigd ?’ of is het door een zonde van zijn ouders dat Hij blind geboren is ?‘Welnee’, antwoordde Jezus. ‘Hij heeft geen zonde gedaan. En Zijn ouders ook niet. Maar door hem van zijn blindheid te genezen, laat God zien hoe machtig Hij is.Zolang het dag is, moeten wij doen wat God ons opdraagt. De nacht komt, en dan kan niemand meer iets doen. Zolang ik in de wereld ben, heeft de wereld Licht.Na dit gezegd te hebben, spuugde hij op de grond en maakte wat modder van stof en speeksel. Dat deed hij op de ogen van de blinde man en zei : ‘Ga je wassen in de Siloam-vijver’Dus ging de man er heen en waste zich. Toen hij terugkwam, kon hij weer zien.Zijn buren en de mensen die hem vroeger als bedelaar hadden gekend, waren verbaasd. ‘Is dat niet die blinde man die altijd zat te bedelen ?’ vroegen ze.‘Inderdaad’ zeiden sommigen.‘Nee’ zeiden anderen. ‘Het is iemand die op hem gelijkt’‘Ik ben het echt hoor’, riep de man uit.‘Uuh…hoe kan het nu dat je niet meer blind bent ?’ stamelden ze.‘Er was een man. Jezus heet Hij. Die maakte een modderpapje, smeerde dat op mijn ogen en zei dat ik naar Siloam moest gaan om me te wassen. Terwijl ik dat deed begon ik te zien.’Ze brachten hem naar de Farizeeën (het was op een sabbat dat Jezus de ogen van de man had genezen : voor de Joden was de sabbat een heilige dag en dan mocht er niets gedaan worden  -zelf niet iemand in nood helpen !!)De Farizeeën vroegen de man hoe hij genezen was. Hij vertelde hen wat hij aan de anderen gezegd had over die Jezus.Sommige Farizeeërs zeiden : ‘Die man is niet door God gezonden, anders zou hij geen werk doen op de sabbat.Anderen zeiden weer :’hoe zou een slecht mens zulke goede dingen kunnen doen ?Omdat er twijfel ontstond of hij wel blind geweest was , riep men er zijn ouders bij. Ook zij getuigden dat hij blindgeboren was.Men was echter bang van de Farizeeën, want als ze Jezus zouden verdedigen, zouden ze wel eens uit de synagoge (gebedsplaats van de Joden) kunnen geweerd worden. Daarom zeiden ze : ‘vraag het hem zelf’, ik weet alleen dat hij blind was en nu kan zien.Er ontstond een twistgesprek met de Farizeeên. Die zeiden : ‘wij zijn leerlingen van Mozes, dat weten wij, maar jij weet niet eens wie die Jezus is. Maar de blindgeborene antwoordde : het is wel vreemd , je weet niet vanwaar Hij komt, maar Hij heeft wel mijn ogen geopend. We weten allemaal dat God niet naar slechte mensen luistert. Maar als iemand eerbied voor Hem heeft en doet wat Hij wil, dan luistert God naar hem’ De leiders werden kwaad en zeiden ; ‘Jij bent een vent van niks, en Jij wou ons de les spellen?’ Ze joegen hem wegJezus hoorde dat ze hem weggezonden hadden en vroeg hem : ‘geloof je in de Mens?’Hij zeide : ‘Ik weet niet wie dat is, meneer. Anders zou ik in Hem geloven’‘IK BEN HET’ antwoordde Jezus.‘Ja Heer’, zei de man. ‘Ik geloof in u’. En hij knielde voor Jezus neer.Jezus zei : ‘Ik ben met een oordeel in deze wereld gekomen. Wie geestelijk blind is zal zien. Wie denkt inzicht te hebben, zal blind worden’Enkele Farizeeërs zeiden : ‘zijn ook wij soms blind ?’Jezus antwoordde : ‘Als jullie blind waren, zou je geen schuld hebben. Maar nu jullie beweren geestelijk inzicht te hebben, blijf je schuldig.  

zegening van kinderen

 

De Samaritaanse – vijfde zondag na Pasen

 


VIJFDE WEEK NA PASEN

De Samaritaanse

Samaritaanse

Kondakion :

Met geloof naderde de Samaritaanse tot de Bron, daar aanschouwde zij U, het Water der Wijsheid.En toen zij daarvan gebronken had, begeerde zij dorstig het Koninkrijk uit de hoge. Daarom wordt zij geprezen in alle eeuwigheid.

PROKIMEN :

Hoe groot zijn Uw werken o Heer : Gij hebt alles met wijsheid gemaakt.Zegen mijn ziel, den Heer; Heer mijn God, Gij zijt onnoemlijk groot.De Heer zij roem in eeuwigheid; dat de Heer zich verheuge over Zijn werken.

ALLELUIA :

Ruk met geluk vooruit en heers, omwille van waarheid, zachtmoedigheid en recht. Gij bemint gerechtigheid, maar haat onrecht.


well

HET VERHAAL VAN DE SAMARITAANSE  VERTELD VOOR KINDEREN

Eens kwam er een Samaritaanse vrouw water putten en Jezus vroeg haar of ze Hem wat drinken wilde geven. Op dat moment was Jezus alleen, want zijn leerlingen waren naar de stad gegaan om eten te kopen.

‘Dat begrijp ik niet’, zei de vrouw verbaasd. ‘Ik ben een Samaritaanse, en u een Jood. Welke Jood vraag nu aan een Samaritaanse om iets te drinken ‘ (Samaritanen hadden zich reeds lang geleden van de Joden afgescheiden – ze hadden ooit zelf een tempel op de berg Gerizim nabij het meer van Genezareth. Joden hadden een hekel aan de Samaritanen)

Je moest eens weten wat God geeft, en wie het is die je om een slok water vraagt’ antwoordde Jezus. ‘Dan zou je mij om water gevraagd hebben , en ik zou het je gegeven hebben – Levend water’.

Maar meneer, u hebt geen kruik en de put is diep. Waar haalt u dan dat levend water vandaan ?… U bent toch niet meer dan Jacob onze stamvader ? Hij heeft deze put gegraven, en zijn zoons, zijn vee en hijzelf hebben er water uit gedronken.’

‘Wie vanhet water uit deze put drinkt, krijgt weer dorst. Aar wie van het water drinkt dat Ik hem zal geven, zal nooit meer dorst krijgen. Dat water is een fontein waaruit eeuwig leven spuit’

O meneer, geef mij van dat water ! dan zal ik nooit meer dorst krijgen en hier geen water meer hoeven te te putten….

Dan stelde Jezus haar een paar vragen over haar privé-leven. Het maakte de vrouw benauwd,want zij loog en Hij had gelijk. Toen zij ze : ‘ Meneer, u bent een profeet! Mag ik u iets vragen ? op welke plaats moeten we God eigenlijk aanbidden? Hier op de berg Gerizim zoals onze voorouders hebben gedaan, of te Jeruzalem zoals de Joden beweren ?

Jezus zei hierop ‘Geloof me, er komt een tijd dat de mensen de Vader niet zullen aanbidden op de Gerizim en ook niet te Jeruzalem… het gaat er niet om wáár we de vader aanbidden, maar hóe we Hem aanbidden. Echte aanbidding is geestelijk en zuiver……

De vrouw zei dan tot Hem : ‘Ik weet dat er een Christus komt. Hij zal ons alles haarfijn uitleggen’

Jezus antwoordde haar : ‘Ik ben de Christus’.

De vrouw holde naar de stad om het nieuws te vertellen, en een hele menigte kwam naar Hem toegelopen….

Inwijding nieuwe Orthodoxe Kerk in Brugge

INWIJDING NIEUWE ORTHODOXE KERK IN BRUGGE
 
 
 
Kerk Brugge

 
 
 
 
 
Brugge_Kerst05
 
kerkplan

 MEDEDELING

 

Zaterdag aanstaande  wordt in Brugge de nieuwe Orthodoxe Kerk plechtig ingewijd door onze Metropoliet Panteleimon. De dienst begint om 08.00 u. met de metten en inzegening. Om 10.30 u. u volgt de GODDELIJKE LITURGIE van de Heilige Johannes Chrisostomos. ALLEN WELKOM op deze bijzondere plechtigheid in Brugge : Ezelstraat,85,  (nabij de Ezelpoort) –

Genezing van de Lamme/KINDEREN/4e na Pasen

 


 

genezing verlamde 3

 

De genezing van de Lamme verteld voor kinderen

ONGELOFELIJKE DINGEN !

Elke dag onderrichtte het volk en God gaf hem Kracht om genezingen te verrichten. Maar van overal uit Galilea kwamen steeds meer Farizeeën op hem af. De Farizeeën onderhielden trouw de ‘wet van Mozes’ tot in de kleinste puntjes en leerden het volk hetzelfde te doen. Bij hen voegden zich nog wetgeleerden, zelfs uit judea en uit de hoofdstad Jeruzalem.

Eens kwamen enkele mannen aan met een draagbaar waarop een verlamde lag. Jezus stond binnen in een huis. Ze probeerden de lamme tot bij hem te brengen, maar ze vonden geen weg door de menigte heen. Daarom klommen ze het dak op, namen  er wat tegels weg en door de opening lieten ze de zieke met bed en al midden tussen het volk zakken, tot vlak voor Jezus. Blij verrast door zulk een vertrouwen, zei Jezus : ‘Vriend, je zonden zijn je vergeven’Dat was zo goed als kwaad met de wortel uitrukken. Want velen meenden toen dat elke zieke het gevolg was van de zonden, die men had bedreven.

‘Wat is dat voor iemand’, zeiden de wetgeleerden en Farizeeën onder elkaar. ‘Zulk een godslastering ! Alleen God kan zonden vergeven !’

‘Wat bespreken jullie daar ?’ vroeg Jezus. ‘ Hoe redeneren jullie ? Wat is gemakkelijker : zeggen ‘je zonden zijn vergeven’ of zeggen ‘sta op en loop’ ?. Wel, opdat jullie zouden weten dat ik als de Mensenzoon  op aarde volmacht heb om zonden te vergeven…’ – nu keerde hij zich tot de lamme – ‘Ik zeg je : sta op !’ Pak zelf die draagbaar en ga naar huis !’.

(uit Bijbel voor de jeugd -O.van Outreve)
 
Een woordje uitleg :

FARIZEEEN : Zij stonden vijandig tegenover Jezus. Ze herkenden Hem niet als Zoon van God. Het woord zelf bestekent : afgescheidenen. Zij scheidden zich af van de rest. Kenmerkend voor de Farizeeën was hun gehechtheid aan de Joodse wet zoals die beschreven staat in de eerste vijf boeken van het Oude Testament. Ze geloofden wél in de Verrijzenis der doden (de Sadduceeën daarentegen geloofden daar niet in).

De idee dat ziekte voorkomt uit de zonde, is een idee dat lang heeft bestaan. Nu zien wij natuurlijk in dat dit niet het geval was, alhoewel men soms nog hoort van mensen : dit of dat is een straf van God. Dit toont aan hoe diep deze gedachte er bij de mensen inzat.

Volgens de Farizeeën kan alleen God zonden vergeven. Daar zij Jezus niet als Gods’zoon zagen, vonden zij dat hij aan heilgschennis deed. Maar Jezsu gaf hen een gepast antwoord.

Wat is er gemakkelijker , te zeggen : uw zonden zijn u vergeven of te zeggen tot de lamme : sta op, neem uw bed en ga naar huis ( in sommige vertaklingen staat er inderdaad ‘bed’, maar de mensen sliepen toen gewoon op een matje op de grond, men rolde dit dan op en kon het gemakkelijk onder de arm nemen)

Maar de diepere boodschap van dit verhaal is wel : wij zijn allemaal wel eens ‘verlamd’, niet in staat om te doen wat we moeten doen. Wij kijken liever Tv of gaan liever naar de voetbal. Jezus geeft ons met dit verhaal te kenne, dat wij er kunnen van genezen, als we maar naar Gods woord luisteren en er naar handelen.

zegenend hand ooo

Over de innerlijke vrede (Vader Victor)


 


 



OVER DE INNERLIJKE VREDE

Door Vader Victor ( Higoumen van het monasterie van La Faurie – Frankrijk)

    


    

vreugde 1

           

               Wij kennen het woord van de Heilige Seraphin, " verwerf eerst de innerlijke vrede en velen zullen in uw nabijheid rust vinden". Dit is vandaag  een belangrijk woord want wij leven in een maatschappij van activisme en consumptie. Wij hebben wel een goede wil, wij zijn edelmoedig, maar wij willen vooral "doen". Welnu, het belangrijkste is eerst en vooral iemand te

          Laten wij ons dus bevragen over deze toestand van innerlijke vrede .Gewoonlijk kennen wij twee soorten van vrede : vooreerst de afwezigheid van oorlogen tussen landen, afwezigheid van conflicten op het niveau van de mensen Deze  geheel negatieve houding waar men niet wil lastig gevallen worden of in de war worden gebracht is zeker positief.  "Bouwen wij aan de vrede,laat ons in rust leven" ! Maar er is een derde soort vrede "die geen afwezigheid van oorlogen inhoudt, maar een deugd is die ontstaat vanuit de kracht van de ziel". Het is de filosoof Spinoza die er ons een goede definitie van geeft. Een deugd : "Vrede laat Ik u, mijn vrede geef Ik u, niet gelijk de wereld die geeft"(Joh.14,27), verkondigt het Evangelie . Het bevestigt dat de vrede die wij moeten zoeken zich moet vestigen in het binnenste van onszelf, en voortkomt uit "God, de vader van het licht". "Voor de vrede die van boven komt en het heil van onze zielen, vraagt de liturgie van de Heilige Johannes Chrisostomos: laat ons de Heer bidden".

          Deze vrede die van boven komt en die bezit neemt van het menselijk hart is zeker een genade, wat van ons afhangt is simpelweg onze beschikbaarheid om ze te aanvaarden. Dit is de synergie, de ontmoeting tussen de menselijke inspanning en de goddelijke Genade : "God werkt en de mens ademt", zal men grappig zeggen. Welnu, wat is er in het binnenste van onszelf, dat ons hindert bij deze innerlijke vrede ?

          Als we ons richten tot de vaders, zoals bijvoorbeeld tot de Heilige Gregorius van Nyssa, zullen we er  ontdekken dat deze vrede van het hart, noodzakelijk om de Geest te kunnen ontvangen, vooral gehinderd wordt door onze gedachten. De gedachte blijft een ambivalent fenomeen, een tegenstrijdigheid (antinomie), want enerzijds is zij het merkteken van God in de mens, maar tezelfdertijd is zij het die de mens van Hem scheidt.

           Wanneer wij bijvoorbeeld willen bidden, dan zullen twee vormen van gedachten bij ons binnendringen : phantasmate en logismos die duidelijk omschreven bekoringen doen naar voor komen en die elk om een specifieke bestrijding ervan  vragen.

           Eerst de "Phantasmata’, van het griekse woord "beeld zonder bestendigheid". Het zijn beroeringen, verstrooiingen die onze aandacht gaan versnipperen. Er komt een herinnering, een zorg, een beeld… te voorschijn, woekerende gedachten die, in het uiterste geval ons de indruk geven van "dat denkt in ons",

           Naast deze tegenstrijdige gedachten, komen de "logismoi" , passionele gedachten van angst, verlangen, woede, of andere. Zij zijn nog meer fijnzinnig en  verwarrend, zij brengen ons in een staat van emotionele opwinding.

              Wij moeten dus, voor zover het in onze macht ligt en zonder te vergeten onze toevlucht te nemen tot de Goddelijke genade, er de strijd mee aanbinden, om ons zo in staat te stellen deze innerlijke vrede te verwerven, die zo belangrijk is om de Geest te ontvangen.

Hoe ?

             Voor wat de phantasmata betreft, het zijn mentale beelden die voortkomen uit onze herinneringen die opnieuw gaan opduiken. Wij weten het maar al te goed, dat wij in de  samenleving van vandaag bijna ononderbroken beïnvloedt worden door alle soorten beelden, voorstellingen, opinies, publiciteit of propaganda, enz..Het is van al deze zaken dat wij ons moeten ontlasten, en daarom blijft een zekere onthouding van de zintuigen en de gedachte onontbeerlijk. Dit zal  waarden als eenzaamheid en inkeer doen ontstaan. Evenzo wast en  zuivert de liturgie ons van een geheel van beelden, gewaarwordingen en indrukken die ons niet direct naar God voeren, zelfs al kunnen  ze ons soms verblinden. Wij kunnen bijvoorbeeld dikwijls menen dat het zich solidair voelen met de lijdende wereld, dat bidden voor het menselijke verdriet en ontreddering, ons zou verplichten om op de hoogte te blijven en te weten wat er in de wereld gebeurt, om er op een oprechtere manier te kunnen voor bidden, terwijl God weet wat de mens nodig heeft, waaraan hij lijdt. Onze voorbede houdt zeker in, dat wij een luisterend oor zijn voor de zijnden, maar niet noodzakelijk is dit voor gebeurtenissen of anekdotes van het dagelijks bestaan.

            Wat betreft de "logismoi" : inwendige opwellingen van emoties, gehechtheid of revoltes, zij zijn ergens opgewekt door verlangens of uit angsten die nogal dikwijls voortkomen uit een verafgoding van zichzelf., verkrampt door de eigenwil. Zich hiervan gelijdelijkaan los te maken, is proberen  dit woord van het "Onze Vader", dat de essentie uitmaakt van het Evangelie zelf : "dat Uw wil geschiede op aarde als in de hemel", volkomen te "leven".
   
           Wij stellen de geboden gelijk met de Wil van God, en dit is in zekere zin juist, maar we vatten het op een té legalistische manier op in plaats van een spirituele. Het is belangrijk, dat wij hier inzien dat er tussen de Decaloog en de Zaligsprekingen een totale ommekeer van zienswijze bestaat : "gij zult niet doden", bijvoorbeeld, zal worden "zalig de zachtmoedigen".Welnu, de zachtmoedigheid  is niet slechts het respect voor sommige regels, het is een manier van "zijn". Daaruit volgt dat de geboden voor een Christen geen morele regels meer zullen zijn, maar een omschrijving, op een humane wijze, van de eigenschappen van God. De goddelijke eigenschappen in zich opnemen, niet om Christus in Zijn handelen na te bootsen, maar om te handelen volgens Zijn Geest, of beter om de H.Geest te laten handelen, "het is niet meer ik die leef, het is Christus die leeft
in mijzelf", dat is het doel. Maar hoe onbegrijpelijk de wil van God ook is, zij is nog wat zij is. Want niets ontsnapt aan Zijn almacht. Maar de realiteit is dikwijls moeilijk aanvaardbaar voor ons.Er is een werkelijkheid die wij niet willen aanvaarden, maar waarvan we ons rekeninschap geven dat dit te wijten is aan onze beperkingen, onze passies en onze zwakheden.En deze bewustwording roept in het binnenste van onszelf gevoelens op, niet van een daadwerkelijk berouw,zoals dat van de tollenaar, maar van een ontevredenheid in de zin van :"hoe kan een persoon en ook wijzelf zulke lelijke dingen doen". En het is vanaf dat moment dat er in ons alle soorten van angsten, schuldgevoelens,wroeging en uiteindelijk verzet en ontkenning van zichzelf gaat ontstaan. Terwijl zijn naaste  beminnen als zichzelf een juiste zelfkennis veronderstelt.

            Wij kunnen de realiteit dus weigeren uit zwakheid en er zich zelfs bewust van zijn, maar wij kunnen de realiteit ook weigeren  vanuit goede bedoelingen, vanuit het besef dat deze weigering een deugd is ! Hoe kunnen wij deze oorlogen aanvaarden, dit onheil, deze miserie, deze wereld met mensen die voortdurend met elkaar in de clinch liggen ?….Hoe kunnen wij deze ziekten,onvolkomenheden, epidemieën aanvaarden ?…Dit alles lijkt ons schandalig en nochtans ! Het gaat er niet om het kwaad in de wereld op te hemelen, maar om te erkennen dat Christus de vrede niet preekt in de zin waarop wij het verstaan" Er zullen oorlogen zijn en onlusten, en de mensen zullen bezwijmen van vrees en angst voor de dingen, maar gij, verheug u en heft uw hoofden omhoog, want uw verlossing komt nabij" (Lc.9.26.28), zegt het Evangelie nog. Verheug u, niet over het kwaad in de wereld, dit is duidelijk, maar op de voorafgaande tekens van dat wat het waarlijk goede zal zijn., het komende Koninkrijk : dit Koninkrijk van God dat binnen in onzelf is.

             In dit perspectief is er in de menselijke orde een kwaad, volgens de Heilige Cassianus, die in de ogen van de Eeuwigheid niet noodzakelijk negatief is. Het is alleen een kwestie van bevrijding, onthechting en beschikbaarheid. Het is een gemeenplaats van te zeggen dat vele mensen die opgesloten zaten in de goulags getuigd hebben van het feit dat het juist in deze omstandigheden was dat zij het meest tot vrede kwamen en dicht bij God. Men is verplicht om te erkennen dat het niet altijd in de meest menselijk gelukkige omstandigheden is dat wij ons diepste  en rijkste "innerlijk" leven leren kennen. Het gaat hier niet om masochist te zijn, om ascese en zelfkastijding te verwarren, wat vanuit het standpunt van de orthodoxie de ketterij dicht benadert, maar het gaat om het op zoek te gaan naar het énig noodzakelijke, zonder zich te laten beïnvloeden door moeilijkheden en problemen, wetend, dat het lijden dat ons kan overkomen daar is als hoeksteen om ons onze innerlijke toestand te laten zien. Het lijden dat ons overkomt zal dan beleefd worden als een teken van onze inspanningen, van onze mislukkingen. Het zijn onontkoombare beproevingen op onze weg die leidt naar God.

             En voor ons, monniken en monialen, is er wellicht een derde niveau van de wil van God. Soms hebben wij ons in Gods dienst gesteld zonder ons veel rekenschap te geven of wij ons geplaatst hebben in Zijn dienst zoals  Hij het van ons verwacht of zoals wij hem zouden willen dienen. Wij  kunnen ons dikwijls realiseren dat wij in de loop van ons bestaan, ongemerkt een spiritueel project hebben opgebouwd. Een project, dat zeker waardevol is, bewonderenswaardig zelfs, maar dat uiteindelijk slechts ons eigen project was. Op dat moment kunnen wij ons geconfronteerd weten met neerslachtigheid, conflicten, ontredderingen, en ons op de rand voelen van een echte spirituele crisis. Maar het is juist dan dat wij het werkelijke begin kunnen naderen, dat, waartoe God ons uitnodigt.

            En daar onze uiteenzetting deze is over de innerlijke vrede, kan men , om te besluiten eraan herinneren, dat wanneer Christus  na Zijn verrijzenis verschijnt aan zijn leerlingen Hij verduidelijkt, dat Hij het doet :  "alle poorten waren gesloten", hun zeggende "Vrede zij met u". Het is pas als we ontdekken dat alle uitwegen, alle menselijke verwachtingen gesloten zijn, en dat we geen enkele hoop meer hebben, deze van de wereld, deze van ons verstand, deze van ons spirituele droombeeld zelf, het is op het moment van deze grote nederlaag, deze tegenslag, als wij het kunnen aanvaarden als de wil van God, dat wij  kunnen ontdekken dat Christus werkelijk aanwezig is en dat Hij op het dieptepunt van onze ontreddering ons zegt : "de Vrede zij met U"

        Vertaling : Kris Biesbroeck 

hsw05

 

Derde zondag na Pasen : MYRONDRAAGSTERS

 

 


Derde zondag na Pasen :  MYRONDRAAGSTERS

myrondraagsters

TROPARION :

De rechtvaardige Jozef nam Uw allerzuiverste Lichaam van het Kruis. Hij wikkelde het met zuivere specerijen in een zuiver linnen doek; daarna legde hij Het in een nieuw graf. Maar Gij, Heer, zijt opgestaan op de derde dag en schenkt aan de wereld de grote genade.

Eer …nu…

De Engel bij het graf riep tot de Myrondraagsters : Myron past voor gestorvenen. Christus echter bleef vrij van bederf. Roept daarom luide : “de Heer is opgestaan en schenkt aan de wereld de grote genade.

KONDAKION :

Toen Gij tot de Myrondraagsters het ‘verheug u’ riep, kwam er een eind aan de klacht van de Voormoeder Eva, door Uw Opstanding, Christus God. En Gij hebt aan Uw Apostelen bevolen om te verkondigen : De Verlosser is opgestaan uit het graf.


 

jezus leraar

 

Het bijbelverhaal voor kinderen 


Jezus is gestorven en Verrezen, maar wat is er precies gebeurt ?

 Vroeg in de morgen op de eerste dag van de week, de zondag, (ja, de zondag was voor de Joden de eerste dan van de week), ging Maria Magdalena naar het graf. Ze had specerijen (kruiden) meegebracht, en Myron om het lichaam van Jezus te balsemen (om te bewaren). Het was nog donker, maar zij zag dat de steen voor de ingang van het graf weggerold was. Zij liep dus haastig naar Simon Petrus en de andere leerling van wie Jezus bijzonder heeft gehouden (= Johannes) : ‘ze hebben onze Heer uit het graf weggenomen! Wie weet waar ze Hem hebben neergelegd ?’

Daarop liepen Petrus en die andere leerling het huis uit, naar het graf toe. Ze liepen wel samen, maar de andere leerling was vlugger dan Petrus en kwam het eerst bij het graf. Hij boog zich voorover en zag de doeken liggen. Maar ging niet naar binnen.
Toen kwam Petrus achter hem aan en ging  wel  het graf binnen. Hij keek naar de windsels en naar de zweetdoek die om Jezus’hoofd had gelegen. Die lag niet bij de windsels, maar afzonderlijk opgerold. Dan ging ook de andere leerling, die eerst bij het graf gekomen was, naar binnen. Hij zag die tekens, en geloofde. Maar eigenlijk hadden zij nog niet begrepen wat in de heilige schrift staat : dat Jezus namelijk uit de dood zou opstaan. Petrus en de andere leerling gingen dan maar terug naar huis.

Uit : Bijbel voor de jeugd : Olav  van Outreve / averbode 1985

Wat betekent Myron en Myrondraagsters ?

Myron betekent ‘geur’. Het is een geurige en zeer kostbare olie. Rijke mensen lieten er hun doden mee inwrijven. Samen met andere kruiden balsemde men het lichaam, zodat het kon bewaard blijven. De Myron zorgde voor een aangename geur.

Myron wordt ook voor veel andere gelegenheden gebruikt : doopsel , Myronzalving (vormsel), inwijding altaar van een nieuwe Kerk , bij een wijding enz…

Olie maakt ook sterk, soepel :

Bijvoorbeeld bij Aaron. Dan druipte de olie over zijn baard tot op zijn kleed. Het moest hem sterken om zijn hogepriesterschap te kunnen dragen.

Myrondraagsters : dat zijn dan de vrouwen die aan het graf aankwamen om Jezus lichaam met Myron in te wrijven.

Myron heeft ook nog voor de Kerk een andere betekenis voor ogen : het wordt gewijd door de bisschop. In feite heeft elke autokefale kerk (is elke Kerk die zelf zijn opvolgers kiest : bv. het Patriarchaat van Constantinopel, de Kerk van Griekenland , enz…) het recht om zelf de Myron te wijden, maar bijna alle kerken betrekken het uit Constantinopel. Dat doen ze om de éénheid van de Orthodoxie aan te tonen. In elke plaatselijke Kerk wordt dus Myron gebruikt die van dezelfde hoofdkerk afkomstig is.

De myronzalving noemt men ook : CHRISMATIE : de grote zalving door de Heilige Geest om kracht en sterkte in het geloof.

 

 

mhyrrbearing_women_small

Pelgrimstocht naar Roemenië


crosses
 

GROEP : H.SILOUAN DE ATHONIET – PELGRIMAGES 

kerkje roemenie

We beschikken over onze eigen comfortabele bus met chauffeur, soms logeren we in een kloosters, soms in een hotel.

In sommige kloosters hebben we afspraken voor een  gesprek met de starets, dit is hét accent wat zo’n reis tot een echte bedevaart maakt. Rijkdom aan spiritualiteit, aan middeleeuwse kloosters en ook aan landschappen.

Deelnemingsprijs ongeveer € 850,- voor dubbele kamer, en € 100,- opleg voor enkele kamer. De juiste prijs en reisweg zal over enkele dagen beschikbaar zijn.

Er zijn maar enkele plaatsen meer beschikbaar.Info en inschrijving : Hadriaan (sainthadrian@yahoo.co.uk) Priester Silouan Osseel (v.silouan.osseel@scarlet.be)

drie eenheid poli

 


 

Akathis Hymn in het ENGELS

AKATHIST HYMN

INTRODUCTION

The authorship of the Akathist Hymn to the Mother of God is the subject of much learned discussion, though many reputable scholars attribute it to St Romanos the Melodist, and so I have put this tentative translation on his page. The poem defies every translator and it is virtually impossible all the rhetorical devices which are such a striking feature of the Greek original. The original has an alphabetical acrostic for the first word of each Kontakion and Ikos and the lines begining ‘Hail!’ are marked by many internal rhymes. These are indicated in the translation by em rules.

I have translated the Greek ‘Chaire!‘ by ‘Hail!’ as this is the most natural meaning of the Greek. Even though etymologically it means ‘Rejoice!’, it is a standard greeting, like the Latin ‘Ave!‘, which is what the Roman soldiers presumably said to the Lord as they mocked him. In the New Testament it often translates the Hebrew ‘Shalom!’

Liturgically the Hymn forms part of Matins on the Saturday of the Akathist, and in the monasteries of the the Holy Mountain it is read each night at Compline. In Greek use it is chanted solemnly in four sections at Compline on the first four Fridays of Lent, the whole being chanted at Compline on the fifth, the eve of Akathist Saturday.

 

THE AKATHIST HYMN

Section One. The Annunciation

Ikos 1

A prince of the angels was sent from heaven, to say to the Mother of God, ‘Hail!’ [Three times] And as, at his bodiless voice, he saw you, Lord, embodied, he was astounded and stood still, crying out to her like this:

Hail, you through whom — joy — will shine out, Hail, you through whom — the curse — will cease.

Hail, recalling — of fallen Adam, Hail, redemption — of the tears of Eve.

Hail, height hard to climb —for human thoughts, Hail, depth hard to scan — even for angels’ eyes.

Hail, for you are — a throne for the King, Hail, for you carry — the One who carries all.

Hail, star — that makes visible the Sun, Hail, womb — of divine incarnation.

Hail, you through whom — creation — is renewed. Hail, you through whom — the Creator — becomes a babe.

Hail, Bride without bridegroom.

Kontakion 1

But the holy Virgin, seeing herself pure, says boldly to Gabriel, ‘The strangeness of your words seems hard for my soul to accept. For from a conception without seed you foretell pregnancy, as you cry:

Alleluia!’

Ikos 2

Calling to the ministering angel, the Virgin sought to know unknown knowledge, ‘From a pure womb how can a son be born? Tell me.’ He spoke to her in fear, only crying out:

Hail, initiate — of an ineffable counsel, Hail, faith — in things that demand silence.

Hail, beginning — of Christ’s wonders, Hail, crown — of his teachings.

Hail, heavenly ladder — by which God came down, Hail, bridge, leading — those from earth to heaven.

Hail, wonder — well-known — among the angels, Hail, wound — much lamented — by the demons.

Hail, for ineffably — you gave birth to the Light, Hail, for to none — you revealed the mystery.

Hail, you that surpass — the knowledge of the wise, Hail, you that pour light on —the minds of believers.

Hail, Bride without bridegroom.

Kontakion 2

Divine power of the Most High then overshadowed for conception the one who knew not wedlock. And he made her womb fruitful as a fertile field for all who wish to reap salvation as they sing:

Alleluia!

Ikos 3.

Enclosing God within her womb, the Virgin hastened to Elisabeth; whose infant at once recognised her greeting, and rejoicing with leaps as though with songs, cried out to the Mother of God:

Hail, vine — with a branch that does not wither, Hail, orchard — of fruit that bears no taint.

Hail, for you husband — the Husbandman who loves humankind, Hail, for you cultivate — the Cultivator of our life.

Hail, ploughland yielding — a rich harvest — of compassion, Hail, table laden — with abundance — of mercy.

Hail, for you make the meadow of delight — flower again, Hail, for you make ready a haven — for the soul.

Hail, acceptable incense of intercession, Hail, propitiation for the whole world.

Hail, good pleasure — of God — towards mortals, Hail, freedom of speech — of mortals — towards God.

Hail, Bride without bridegroom.

Kontakion 3.

Feeling in himself a storm of doubtful thoughts, prudent Joseph was troubled, seeing that you were unwedded, and he suspected a stolen union, blameless Maiden. But when he learnt that your conceiving was from the Holy Spirit, he said:

Alleluia!

Section 2. On the Nativity

Ikos 4.

God’s coming in the flesh the Shepherds heard the angels praising. And hastening as to a shepherd, they see him as a spotless lamb being pastured in the womb of Mary. Praising her they said:

Hail, mother of the lamb and shepherd, Hail, fold of spiritual sheep.

Hail, defence — against unseen foes. Hail, key that opens — the doors of Paradise.

Hail, for things in heaven — exult with earth, Hail, for things on earth — rejoice with heaven.

Hail, never-silent — voice — of the Apostles, Hail, never-conquered — courage — of the Champions.

Hail, firm — foundation of the Faith, Hail, shining — revelation of Grace.

Hail, you through whom — Hell was stripped bare, Hail, you through whom — we were clothed with glory.

Hail, Bride without bridegroom.

Kontakion 4

Having seen a star leading to God, Magi followed its radiance. Holding to it as a beacon, through it they searched for a mighty king. And having attained the Unattainable they rejoiced and cried to him:

Alleluia!

Ikos 5

In the hands of the Virgin children of the Chaldeans saw the one who with his hands fashioned humankind. And knowing him to be their Master, though he had taken the form of a servant, they hastened to honour him with their gifts and to cry to the Blessed Maiden:

Hail, mother of the star that never sets, Hail, radiance of the mystical day.

Hail, for you quenched the furnace of deception, Hail, for you enlighten the initiates of the Trinity.

Hail, for you cast out from his rule — the inhuman tyrant, Hail, for you revealed Christ, — the Lord who loves humankind.

Hail, deliverance— from pagan worship, Hail, liberation — from filthy deeds.

Hail, for you ended — the worship of fire, Hail, for you deliver from —the flame of passions.

Hail, guide of believers — to chastity, Hail, joy of all — generations.

Hail, Bride without bridegroom.

Kontakion 5

Journeying back to Babylon, for they had fulfilled the prophecy concerning you, the Magi, become God-bearing heralds, proclaimed you to all as Christ, leaving Herod like an idiot who did not know how to sing:

Alleluia!

Ikos 6

Kindling in Egypt the light of truth, you dispelled the darkness of falsehood. For its idols, O Saviour, not able to withstand your strength, fell down, while those who were delivered from them cried out to the Mother of God:

Hail, restoration of humans, Hail, downfall of the demons.

Hail, for you trampled — on the error of deception, Hail, for you exposed — the trickery of idols.

Hail, sea that drowned — the Pharao of the mind, Hail, rock that gave drink — to those thirsting for life.

Hail, pillar of fire, guiding those in darkness, Hail, protection of the world, wider than the cloud.

Hail, food that replaced the manna, Hail, minister of holy delight.

Hail, Bride without bridegroom.

Kontakion 6

When Symeon was about to depart from this present age of deception, you were given to him as a babe, but you were known to him also as perfect God. And so, struck with amazement at your ineffable wisdom, he cried:

Alleluia!

Section 3. The Incarnation

Ikos 7

Manifesting himself to us, who came into being by him, the Creator revealed a new creation, for he budded from a womb without seed and preserved it as it was, incorrupt, that seeing the wonder we might sing her praises crying:

Hail, flower of incorruption, Hail, crown of self-mastery.

Hail, for you show a bright image of the resurrection, Hail, for you reveal the angels’ way of life.

Hail, tree of glorious fruit — from which believers are nourished, Hail, wood with shady leaves — under which many shelter.

Hail, for you conceived a guide for those gone astray, Hail, for you bore a deliverer for captives.

Hail, intercessor with the just Judge, Hail, forgiveness for many who stumble.

Hail, robe —for those stripped of freedom of speech, Hail, love — that conquers every longing.

Hail, Bride without bridegroom.

Kontakion 7

Now that we have seen a strange birth, let us become strangers to the world, fixing our minds in heaven. For this the most high God appeared on earth as a lowly human, wishing to draw on high those who cry out to him:

Alleluia!

Ikos 8

The uncircumscribed Word was wholly present among things below and in no way absent from those on high. For it was God’s condescension, and not a change of place, and birth from a Virgin filled by God, who hears these words:

Hail, enclosure — of God who cannot be enclosed, Hail, door — of a hallowed mystery.

Hail, doubtful tidings — for unbelievers, Hail, undoubted boast — for all believers.

Hail, all-holy chariot — of him who rides upon the Cherubim, Hail, best of dwellings — of him who is above the Seraphim.

Hail, for you bring — opposites to harmony, Hail, for you yoke — child-birth and virginity.

Hail, for through you transgression has been abolished, Hail, for through you Paradise has been opened.

Hail, key — of Christ’s kingdom, Hail, hope — of eternal blessings.

Hail, Bride without bridegroom.

Kontakion 8

Every angelic being was amazed at the great work of your incarnation. For they saw the One who is Unapproachable as God, as a mortal approachable by all, living his life among us, while hearing from us all:

Alleluia!

Ikos 9

Eloquent orators we see dumb as fishes before you, Mother of God. For they are at a loss to say how you remain Virgin, yet are able to give birth! But we, marvelling at the mystery, cry out with faith:

Hail, vessel — of the wisdom — of God. Hail, storehouse —of his —providence.

Hail, who show — lovers of wisdom — to be without wisdom. Hail, who prove — those skilled in reasoning —to be without reason.

Hail, because subtle seekers — have been made fools. Hail, because myth makers — have been made to wither.

Hail, who tear apart — the webs of the Athenians. Hail, who fill full — the nets of the Fishermen.

Hail, who draw up from the depths of ignorance. Hail, who enlighten many with knowledge.

Hail, boat for those who want to be saved. Hail, harbour for the seafarers of life.

Hail, Bride without bridegroom!

Kontakion 9.

Wishing to save the world, the One who orders all things came to it of his own free will. And as God, being shepherd, for our sake he appeared as a man like us. For having called like to Like, as God he hears:

Alleluia!

Section 4. On the Mother of God.

Ikos 10.

You are a wall for virgins, Virgin Mother of God, and for all who have recourse to you. For the Maker of heaven and earth made you ready, O most pure, dwelling in your womb and teaching all to call to you:

Hail, pillar — of virginity. Hail, gate — of salvation.

Hail, source — of spiritual — refashioning. Hail, giver — of divine — lovingkindness.

Hail, for you gave new birth — to those conceived — in shame. Hail, for you gave counsel — to those robbed — of understanding.

Hail, who destroy — the corrupter of minds. Hail, who gave birth — to the sower of purity.

Hail, bridal chamber of a marriage without seed. Hail, who unite believers to the Lord.

Hail, fair nursemaid of virgins. Hail, bridesmaid of holy souls:

Hail, Bride without bridegroom!

Kontakion 10.

Every hymn fails that seeks to match the multitude of your many mercies. For even if we offer you, O holy King, songs equal in number to the sand, we achieve nothing worthy of what you have given us, who cry to you:

Alleluia!

Ikos 11

We see the holy Virgin as a lamp that bears the light, shining for those in darkness. For kindling the immaterial Light she guides all to divine knowledge, enlightening the mind by its ray, honoured with this cry:

Hail, beam — of the immaterial sun, Hail, ray — of the moon that never sets.

Hail, lightning flash — that shines on souls. Hail, thunder — that terrifies the foe.

Hail, for you make — the enlightenment with many lights — to dawn. Hail, for you make —the river with many streams — to flow.

Hail, who prefigure the baptismal — font. Hail, who take away the filth — of sin.

Hail, bath — that washes clean the conscience. Hail, bowl — in which the wine of joy is mixed.

Hail, scent — of Christ’s fragrance. Hail, life — of mystical feasting.

Hail, Bride without bridegroom!

Kontakion 11.

Wishing to give release from ancient offences, the Creditor of all humanity came of himself to those who were exiled from his grace, and having torn up their bond he hears from all as follows:

Alleluia!

Ikos 12.

Your Offspring we sing and all raise to you our hymn as a living temple, Mother of God. For having dwelt in your womb, the Lord who holds all things in his hand sanctified, glorified and taught all to cry out to you:

Hail, tabernacle of God the Word Hail, greater Holy of Holies.

Hail, Ark — gilded by the Spirit, Hail, inexhaustible — treasure of life.

Hail, precious diadem of Orthodox — kings, Hail, honoured boast of devout — priests.

Hail, unshakeable tower — of the Church, Hail, unbreachable wall of the Kingdom.

Hail, through whom trophies are raised, Hail, through whom enemies fall.

Hail, healing of my flesh, Hail, salvation of my soul.

Hail, Bride without bridegroom!

Kontakion 12.

O Mother, all praised, who gave birth to the Word, the Holiest of all Holies, [Three times] accepting our present offering, deliver us all from every disaster and rescue from the punishment to come those who cry out together,

Alleluia!

 

Uitgeverij LOGOS – Orthodoxe uitgeverij

Uitgeverij Orthodox Logos

(Zie onderaan nieuw : De Kracht van de Naam – Kallistos Ware)

In 2007 is Stichting Orthodox Logos, naast de internetboekhandel, gestart met een uitgeverij, met het doel het geschreven erfgoed van de Orthodox Kerk voor een breed publiek toegankelijk te maken in het Nederlandse taalgebied.

Uitgeverij Orthodox Logos probeert meer bekendheid te geven aan de Orthodoxie in het Westen en doet dat "van binnenuit", door middel van de uitgave en heruitgave van in het Nederlands vertaalde werken uit de bibliotheken der Orthodoxie (en ook in andere talen), of de heruitgave en uitgave van oorspronkelijke en nieuwe, eigentijdse werken in het Grieks, Russisch, Roemeens… Veel mensen in het Westen weten nauwelijks, of maar zijdelings, wat er bedoeld wordt met "Orthodoxie" (ook wel Oosters Orthodox Christendom genoemd) en de Kerken die daarmee verbonden zijn, hun denkwijze en leeftrant, liturgische vieringen, bijbellezing en vaderstudies, enz.

Uitgeverij Orthodox Logos streeft er naar een in deze traditie geïnteresseerd, nieuw publiek – jong en oud, belezen en onbelezen, geschoold en ongeschoold – te bereiken.

De boeken die door Uitgeverij Orthodox Logos worden uitgegeven zijn bedoeld voor alle mensen die serieus op zoek zijn naar de ervaring en wetenschap van de geest, naar de praktijk en de theologie daarvan, d.w.z. naar de diepere wortels van het Christendom. Het is deze invalshoek van de Orthodoxie, die – zoals bekend, ontstaan en tot bloei gekomen in de vele kerken en kloosters van het Oosten (Palestina, Egypte, Syrië, Arabië), zich later ook verspreidde naar het Byzantijnse Rijk, het oude Rusland, Bulgarije en de andere Slavische landen, en naar bijvoorbeeld Georgië, Roemenie, Albanië – verrassenderwijs ook nu in de moderne tijd met een geheel eigen stem een duidelijk geprofileerde inbreng heeft in West Europa en Amerika, d.m.v. haar mystieke liturgische leven, ascetische en monastieke traditie.

De Orthodoxe benadering van het Christendom is in een onvoorstelbaar omvangrijke en rijke boekencultuur tot uitdrukking gebracht, aan het nageslacht doorgegeven en bewaard tot op de dag van vandaag, en wordt ook steeds weer opnieuw verwoord en te boek gesteld. Daarom wordt ook bijzondere aandacht gegeven aan de werken die voortvloeien uit de huidige geestelijke praktijk.

In de komende periode worden de volgende boeken gepubliceerd:

Verder is er het (voorlopige) plan om een aantal boeken van Metropoliet Anthony Bloom her uit te geven en te vertalen:

  • Scholing in Gebed [School for Prayer]
  • Thematische Meditaties [Meditations on a Theme]
  • Leven in Gebed [Living Prayer]
  • God en Mens [God and Man]

Daarnaast zal bijzondere aandacht gegeven worden aan boeken voor kinderen:

  • Dit jaar zal een orthodox gebedenboek verschijnen geschikt voor kinderen vanaf 7 jaar (gebaseerd op een Russische Molitvoslov).
  • Er wordt gewerkt aan de uitgave van een Nederlandstalige orthodoxe kinderbijbel (gebaseerd op een bestaande Russische/Griekse editie).

 


NIEUW !!

 

          De Kracht Van de Naam

             Metropoliet Kallistos van Diokleia

In deze klassiek te noemen uiteenzetting van het Jezusgebed heeft Metropoliet Kallistos de levende Orthodoxe traditie en theologie tot uitDe kracht van de naam fotodrukking gebracht. Hij staat de Hesychasten, de meesters van de stilte, toe om op een directe manier tot ons te spreken en laat zien dat eenieder die bidt er voordeel van heeft, wanneer hij hun onderricht op zichzelf betrekt. Tevens weet hij zijn visie op hiermee samenhangende vragen als ademhalingstechnieken, het mogelijke verband tussen ‘de weg van de Naam’ in de Orthodoxie en vergelijkbare methodieken in andere godsdiensten, en de legitimiteit om het Gebed te beoefenen met het oog op de ontplooiing van een persoonlijk geloof in Christus, op kernachtige wijze duidelijk te maken. Het feit dat De Kracht van de Naam al vele malen in herdruk verscheen en vertaald werd in vele talen, toont de blijvende waarde ervan aan voor mensen, in welke stadium van hun geestelijke pelgrimage die ook zijn.

 

Kallistos Ware, die Engelsman is van geboorte en opvoeding, werd in de Orthodoxe Kerk opgenomen in 1958, en in 1966 tot priester gewijd; in hetzelfde jaar legde hij de monastieke gelofte af in het Klooster van de heilige Johannes de Theoloog op Patmos. In 1982 werd hij gewijd tot Bisschop van Diokleia, was verantwoordelijk voor de Grieks Orthodoxe parochie in Oxford en tot 2001 was hij ook werkzaam in de Universiteit aldaar (als ‘Spalding Lecturer’). Hij is één van de vertalers van de volledige text van de Philokalia in het Engels en heeft substantieel bijgedragen aan de vertaling van Orthodox liturgische boeken (Lenten Triodion, Festival Menaion); tevens zijn twee boeken, The Orthodox Church en The Orthodox Way, geschreven voor een algemeen geïnteresseerd publiek, zo goed ontvangen, dat de vertaling ervan niet kon uitblijven en ook vele herdrukken nodig waren. Een zesvolumes omvattende collectie van zijn eigen werk is in voorbereiding en volume 1, The Inner Kingdom, werd gepubliceerd in 2000 door St. Vladimir’s Seminary Press, New York.

 

 

Uitgeverij Orthodox Logos

ISBN/EAN: 978-90-811555-2-6

Aantal Pagina’s: 70

Binding: Hardgebonden

Prijs: 10 Euro

Boekhandelkorting: 30 %

Rosmolenplein 50

5014 ET Tilburg

T:  06 6 415 660 39

E:  contact@orthodoxlogos.com

W: http://www.orthodoxlogos.com/

Uitgeverij Orthodox Logos

Is een onlangs opgerichte stichting zonder winstoogmerk, welke uitsluitend Orthodoxe boeken uitgeeft .

Heruitgaven die eerstdaags verschijnen:

" De H. Silouan de Athoniet"  Arch.  Sophrony.

" De Weg naar binnen. "  Mgr. Anthony Bloom.

" De Weg van Christus "  Metropoliet Kallistos.

 

 

 

De Kerk als het lichaam van Christus

 

DE KERK ALS HET LICHAAM VAN CHRISTUS

Hij (Christus) is het hoofd

van het lichaam, de Kerk (Coll.1,18)

..en alles heeft Hij onder Zijn voeten gesteld.

En Hij heeft Hem aan de Kerk geschonken

als Hoofd van alles.

         In de Heilige Schrift wordt de Kerk herhaalde malen het Lichaam van Christus genoemd.

Thans verheug ik (Paulus) mij, dat ik voor u lijden mag,…ten bate van zijn Lichaam, de Kerk (Coll.1,24) schrijft de Apostel Paulus over zichzelf.

Apostelen, profeten, evangelisten, herders en leraars zegt hij, zijn ons door Christus gegeven…om  het Lichaam van Christus op te bouwen (Ef.4,11-12).

Terzelfdertijd worden in de Goddelijke Liturgie brood en wijn gemaakt tot het Lichaam en Bloed van Christus, en de gelovigen nemen er deel aan. Christus zelf heeft dit zo bevolen, in gemeenschap met Zijn Apostelen tijdens het Mystieke Avondmaal. En dit met de woorden : Neemt en eet, dit is Mijn Lichaam;….drinkt allen hieruit, want dit is Mijn Bloed van het Nieuwe Verbond.(Matt.26,26-28).

Hoe is het Lichaam van Christus tegelijk de Kerk en het Heilig Mysterie ?

         Zijn de gelovigen zelf tegelijk  leden van het Lichaam, de Kerk, en deelnemers aan het Lichaam van Christus in het Heilig Mysterie ?

In geen van beide gevallen wordt de naam ‘Lichaam van Christus’ figuurlijk gebruikt, maar eerder in de meest actuele betekenis van het woord. Wij geloven dat de Heilige Mysteriën, ondanks het feit  dat zij uiterlijk de substantie hebben van brood en wijn, het waarachtige Lichaam en Bloed van Christus zijn. Op dezelfde wijze geloven en belijden wij dat Christus de Zoon van de levende God is die in de wereld is gekomen om de zondaars te redden, Hij is de ware mens en Zijn Vlees, genomen uit de Maagd Maria was werkelijk menselijk vlees.  In lichaam en ziel was Christus een echt mens ,zoals alle andere mensen,  uitgezonderd de zonde. Tezelfdertijd bleef Hij ook de ware God. In deze menswording was de Goddelijke natuur noch verminderd noch veranderd door Zijn ‘Zoon van God’-zijn; bovendien was ook de menselijke natuur niet veranderd in deze menswording, maar behield alle menselijke kwaliteiten.

Voor altijd onveranderd en niet verward, ondeelbaar en onscheidbaar, Godheid en mens-zijn waren voor altijd verenigd in de éne persoon van onze Heer Jezus Christus.

De Zoon van God is mens geworden om de mensen deelgenoten te maken van de Goddelijke natuur (2 Petr.1,4), om hen te bevrijden van zonde en dood, en om hen onsterfelijk te maken.

Door onszelf met Christus te verenigen ontvangen wij de Goddelijke genade die mensen de kracht geeft voor de overwinning over de zonde en de dood. Door Zijn lering heeft de Heer Jezus Christus de mensen de weg getoond hoe zij de zonde kunnen overwinnen, en hij schenkt hen het eeuwige leven door hen door Zijn verrijzenis deelgenoten te maken van Zijn eeuwig koninkrijk.  Om deze genade te ontvangen is het noodzakelijk om intens contact met Hem te hebben. Hij trekt allen naar zich toe door Zijn goddelijke liefde, en verenigt hen met Hemzelf. De Heer verenigt allen die Hem liefhebben met elkaar door hun deelname aan het leven van de ene Kerk.

De Kerk is de eenheid in Christus, de innigste vereniging met Christus van allen die waarlijk in Hem geloven en Hem liefhebben. Hun eenheid is door Christus.

De Kerk bestaat uit beide aspecten : haar aardse en haar hemelse, want de Zoon van God kwam op aarde en werd een mens, opdat Hij alle mensen naar de hemel zou kunnen leiden, en hen onderdanen  van het Paradijs zou kunnen maken.Hij bracht hen terug tot de oorspronkelijke staat van zondeloosheid en ongeschondenheid, en bracht hen terug in eenheid met Hem.

Dit wordt ons gegeven door de Goddelijke genade, maar ook de mens moet een inspanning leveren. God redt Zijn gevallen schepselen door Zijn liefde voor hen, maar ook de liefde van de mens voor zijn Schepper is even noodzakelijk. Zonder dat kan hij niet gered worden. Door ons streven te richten op God en trouw te blijven aan de nederige liefde van de Heer krijgt de menselijke ziel de kracht om zichzelf te zuiveren van de zonde en sterker te worden om de strijd tegen de zonde tot een goed einde te brengen.

Het lichaam neemt ook aan deze strijd deel, het is nu een verzamelplaats en een instrument van de zonde, maar toch is het voorbestemd om een instrument van  rechtschapenheid en een vat van heiligheid te zijn.

God schiep de mens door Zijn goddelijke adem in het bezielde lichaam dat Hij eerder uit aarde had geschapen, te blazen . Het lichaam was  voorbestemd om een instrument van de geest te worden, een subject waardoor God zich zou manifesteren in de materiële wereld. Doorheen het lichaam en zijn afzonderlijke ledematen, openbaart de geest  de  eigenschappen en kwaliteiten welke God hen gegeven heeft naar Zijn eigen beeld ,  Het is daarom ook dat het lichaam een openbaring van het beeld van God wordt genoemd, en beiden worden genoemd en het is de waarheid : ‘ons sieraad geschapen naar het beeld van God’ (sticheron uit de begrafenisdienst).

Nadat de eerst geschapen mensen zich van hun schepper hadden verwijderd, begon het lichaam meester te worden over de ziel. Daarvoor was het omgekeerd : het lichaam was ondergeschikt aan de ziel. In plaats van Gods wet, begon de wet van het vlees de mens te overheersen.

De zonde, die de mens had afgesneden van de levensbron trok de mens uit elkaar. De eenheid van geest, ziel en lichaam was geschonden en de dood kwam in de wereld. De ziel was niet langer omringd door stromen van leven , het voedsel voor de ziel. Daardoor werd het lichaam bederfelijk en begon de ziel weg te kwijnen.

Christus is in de wereld gekomen om het gevallen beeld in de mens te herstellen en om terug te keren tot de vereniging met Hem Wiens beeld hij is. God herstelt de mens tot zijn oorspronkelijke goedheid  in al haar volheid.

Door genade en heiligheid aan de geest te verlenen, zuivert  Christus ons ook , Hij maakt ons sterker, geneest ons en heiligt ziel en lichaam.

         Hij daarentegen die de Heer aanhangt, is één geest met Hem (1 Cor.6,17). De mens die de vereniging met de Heer heeft bereikt, moet  een instrument worden van de heer, moet Hem dienen voor de vervulling van Zijn wil, en moet zo zelf een deel worden van het Lichaam van Christus.

         Voor de volledige heiliging is het nodig dat het lichaam van de dienaar van de Heer in eenheid is met het Lichaam van Christus. Dit krijgt zijn vervulling in het Mysterie van de Heilige Communie. Het waarachtige Lichaam en het waarachtige Bloed van Christus welke wij ontvangen wordt een deel van het grote Lichaam van Christus.

    &n
bsp;    Natuurlijk is het zo, dat de vereniging met Christus niets anders is dan een vereniging van ons lichaam met het Lichaam van Christus, maar het volstaat niet. Het communiceren aan het Lichaam van Christus wordt pas heilzaam wanneer wij in de geest naar Hem toe willen gaan en ons op die manier met Hem verenigen. Als we communiceren aan het Lichaam en Bloed van Christus en we ondertussen ons in de geest van Hem afkeren, dan is dit gelijk aan hen die Hem geselden, Hem bespotten en Hem kruisigden. hun contact met Hem leidt dan niet tot hun redding en genezing, maar tot hun veroordeling.

         Maar zij, die in vroomheid, liefde en bereidheid eraan deelnemen, verenigen zich heel intens met Hem en worden zo instrumenten van Zijn Goddelijke wil.

         Wie Mijn vlees eet en Mijn bloed drinkt, blijft in Mij en ik in Hem, zei de Heer (Joh.6,57)

         In vereniging met de Verrezen Heer, en door hem met de eeuwige Drie-eenheid ,ontvangt men de kracht voor het eeuwig leven en wordt men zelf onsterfelijk.

         Zoals de Vader die leeft, Mij heeft gezonden, en Ik leef voor de Vader, zó zal ook hij, die Mij eet, leven door Mij (Joh.6,57)

         Allen die in God geloven en zichzelf met Hem verenigen door zichzelf aan Hem weg te schenken en ook door het ontvangen van Zijn Goddelijke genade, bouwen tesamen aan de Kerk van Christus, wiens hoofd Christus zelf is, en zij die er zich bij aansluiten zijn haar leden.

         Christus, die onzichtbaar is voor het menselijk oog, heeft Zichzelf duidelijk op aarde geopenbaard in Zijn Kerk, op dezelfde wijze als de onzichtbare menselijke geest zichzelf openbaart doorheen het lichaam. De Kerk is om twee redenen het Lichaam van Christus  : enerzijds, omdat haar leden verenigd zijn met Christus door middel van Zijn Goddelijke Mysterieën, en anderzijds, omdat Christus door haar werkt in de wereld.

         Wij nemen deel aan het Lichaam en Bloed van Christus als we naderen tot de heilige Mysterieën. Zo worden wij leden van Christus’Lichaam : de Kerk.

         Dit gebeurt niet onmiddellijk. Het volledig deelnemen aan het leven van de Kerk is reeds een overwinning over de zonde en een volledige zuivering ervan. Alles wat zondig is vervreemdt ons in zekere zin van de Kerk, en houdt ons buiten de Kerk. Dit is de reden waarom er gebeden wordt over elke penitent gedurende de biecht, verzoen ons en verenig hem/haar met de Heilige Kerk”. Door berouw wordt een christen gereinigd en is hij dichter met Christus verenigd om tot de Heilige Mysterieën te naderen. Later echter zal het kwaad van de zonde zich opnieuw meester van hem maken en hem van Christus en de Kerk doen vervreemden. Telkens opnieuw is er berouw en communio nodig.

         Zolang het leven van een mens duurt, tot aan het heengaan van zijn ziel uit het lichaam, zolang men leeft zal de strijd tussen zonde en rechtschapenheid duren. Hoe groot de spirituele en morele staat van iemand ook mag zijn, de mogelijkheid zal altijd blijven bestaan van een min of meer terugvallen in de afgrond van de zonde. Daarom is het communiceren aan het heilig Lichaam en Bloed van Christus, dat onze relatie met Hem versterkt en ons verkwikt met de levende stromen van de genade van de Heilige Geest, door middel van de Kerk, noodzakelijk voor iedereen. Het grote belang om deel te nemen aan de heilige Mysterieën hebben we gezien in het leven van de heilige Onuphrius de grote. Engels brachten hem en andere kluizenaars de Heilige Communie, en in het leven van de Heilige Maria van Egypte zien we waaruit haar laatste wil na jaren als kluizenares te hebben geleefd bestond : deel te kunnen nemen aan de heilige Mysterieën. Er zijn nog gelijkaardige voorbeelden te noemen in het leven van de Heilige Sabbatius van Solovki en vele anderen. Niet ten onrechte zei de Heer, “voorwaar,voorwaar Ik zeg u : zo gij het vlees van de mensenzoon niet eet en zijn bloed niet drinkt, dan hebt gij het leven niet in u” (Joh.6,53).

         Als wij deelnemen aan de heilige Communie dan ontvangen wij de Verrezen Christus in ons, de overwinnaar van de dood. Hij schenkt ons de overwinning over zonde en dood.

         Als wij in onszelf de genadevolle gave van de Communie bewaren, dan ontvangen wij de verzekering en de voorsmaak van het gezegende eeuwige leven voor ziel en lichaam.

         Tot aan de ‘Dag van Christus’, Zijn Tweede Komst en het Oordeel over de gehele wereld zal de strijd tegen  de zonde in individueel in elke persoon afzonderlijk en gezamenlijk in de gehele mensheid, doorgaan.

         De aardse kerk verenigt allen die herboren zijn door het doopsel en die het kruis op zich hebben genomen van de strijd tegen de zonde en die Christus volgen, de krijgsheer van deze strijd. De Goddelijke Eucharistie, het bloedeloos offer en het deelnemen daaraan, heiligt en sterkt ons en maakt hen die het Lichaam en Bloed van Christus ontvangen, waarachtige leden van Zijn Lichaam, de Kerk. Alleen bij de dood zal bepaald worden of iemand een waarachtig lid van de Kerk is gebleven tot zijn laatste adem, of integendeel de zonde over hem heeft gezegevierd die de genade in hem heeft uitgedoofd die hij in de Heilige Mysterieën heeft ontvangen en die hem met Christus verenigden.

Wie als lid van de aardse Kerk zijn vertrouwen heeft gesteld  op de genade, gaat van de aardse Kerk over tot de hemelse Kerk; maar hij die de aardse Kerk verlaat gaat niet over tot de hemelse, want de aardse kerk is de weg naar de hemelse.

         Hoe meer iemand staat onder de invloed van de genade van de Communie en hoe sterker iemand zich heeft verenigd met Christus, hoe meer iemand het genoegen mag beleven in de gemeenschap met Christus in Zijn komend Rijk.

         Het is belangrijk om aan de Mysterieën van Christus deel te nemen  vlak voor het sterven, wanneer het lot van de mens voor eeuwig wordt bepaald. Het is noodzakelijk om juist voor de dood te trachten, als daar zelfs maar de geringste gelegenheid toe is, om de Heer te smeken ons waardig te achten eraan deel te nemen,en de zorg voor anderen af te smeken, opdat ook zij de Communie niet wordt onthouden voor het einde.

         Aangezien de zonde tot aan de dood voortgaat met haar werken uit te voeren in de ziel, zo is het lichaam verantwoordelijk voor de gevolgen ervan door in zichzelf het zaad van ziekte en dood te zaaien. Alleen de dood kan daar een einde aan maken. Alleen in de algemene opstanding zal de mens volledig vrij zijn. Hij die zichzelf in geest en lichaam in dit leven met Christus verenigt, zal bij Hem zijn in geest en lichaam in het komende leven. De genadevolle stromen van de levensscheppende Mysterieën van het Lichaam en Bloed van Christus zijn de bron van onze ee
uwige vreugde in de relatie met de Verrezen Christus en in de beschouwing van Zijn glorie.

         Dezelfde gevolgen van de zonde, die nog niet volledig uit het menselijke ras zijn verdreven, zijn niet alleen werkzaam in de mens afzonderlijk, maar door hem zijn ze werkzaam in de aardse activiteiten van ganse delen van de Kerk. Ketterijen, schisma’s en twisten steken voortdurend de kop op. Zij zaaien tweedracht onder de gelovigen. Misverstanden tussen locale Kerken of delen ervan hebben de Kerk sedert de oudheid in beroering gebracht. Gebeden om daar een einde aan te stellen worden herhaaldelijk gehoord in de Goddelijke Liturgieën.

         “Wij bidden voor de éénheid van de Kerken”, “éénheid tot de Kerken” (Triadic, Canon van de Verrijzenis, Toon 8) “maak de onenigheid binnen de kerk ongedaan” (dienst van de Aartsengelen, 8 Movember, 26 Maart, 13 Juli). Gelijkaardige  gebeden zijn eeuwenlang opgezegd door de Orthodoxe kerk. Zelfs op de Heilige en Grote Zaterdag, vóór het epitaphion van Christus, zegt de Kerk : “O gans onberispelijke Maagd, die het leven voortbracht, stop de schandalen binnen de Kerk, en geef vrede, want Gij zijt goed” (laatste vers van de tweede Stasi van de Treurzangen).

         Alleen wanneer Christus zal verschijnen op de wolken zal de verleider verbrijzeld worden, en zullen alle schandalen en verleidingen verdwenen zijn. Dan zal de strijd tussen goed en kwaad, tussen leven en dood ophouden, en de aardse kerk zal opgaan in de Triomferende Kerk, waarin God alles in allen zal zijn(1 Cor.15,28).

         In het komende Koninkrijk van Christus, zal er geen nood meer zijn om het Lichaam en Bloed van Christus te ontvangen. Als men waardig bevonden wordt zal men in de meest intieme gemeenschap met Hem zijn. Hij zal de vreugde vinden in het voor-eeuwige licht van de Levensschenkende Drie-eenheid. Hij  zal de gelukzaligheid ondervinden welke geen tong kan uitdrukken en wat onbegrijpelijk is voor onze zwakke geest. Om deze redenen wordt, nadat wij deelgenomen hebben aan de Heilige Mysterieën in de Liturgie, aan het altaar altijd het gebed gezegd die wij zingen gedurende de tijd van Pasen :”O Christus,Gij groot en heilig Pascha ! O Wijsheid, Woord en Kracht van God ! Verleen ons om volkomen te mogen deelnemen aan de komende dag van Uw Koninkrijk” (9e Ode, Canon van Pasen)